Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

f

die hem kent, zooveel van hem houdt, nog een goed woord voor hem bij mij gedaan en, bijna met dezelfde woorden als waarmee ik hem had weggezonden, had ik haar afgescheept, toen was die leelijke koorts mij komen overvallen en had een eind gemaakt aan alle woorden, goede, zoowel als kwade. Hoe was 't dan mogelijk dat moeder of Jacq, of wie ook, eenig vermoeden had van wat er sedert in mij was omgegaan? En was 't wel zoo heel vreemd als mijne zuster meende dat, ofschoon ik van Tom niets had willen weten, wat meer zegt, juist daardoor te eerder, de bewondering van andere heeren mij niet ongevoelig zoude zijn?

O, o, de zonde straft zich zelf, ach God, ook dan wanneer wij haar onbewust begaan?.... Ik ondervond dit maar al te zeer in die dagen; in het oog van mijn huisgenooten waren Tom en ik dood, ja, dood voor elkander.

Ik was nu natuurlijk al lang aan de lucht gewend, het weer had zich — waarschijnlijk enkel en alleen om mijnentwil — bijzonder goed gehouden. Aprilletje zoet was dit jaar heel zoet geweest, had niets willen weten van witte hoeden, of 't moesten stroohoeden van die kleur zijn; grasmaand had voor ditmaal wel groenmaand kunnen worden genoemd, zoo verrukkelijk, zoo hoopvol zag alles er toen al uit en meimaand, aangemoedigd en opgewekt door het kostelijk exempel — wat een goed voorbeeld toch doet — van haar voorgangster, was bloeimaand bij uitnemendheid. Ik was dan ook al meer dan eens met vader en Jacq of een van de broers naar de bosschen geweest en moeder was gerust en liet mij zonder verdere vrees voor „instorten", waarvoor zij, tot

Sluiten