Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Doch voor Geertrui begon bij deze opmerkingen de grond te branden onder de voeten, en het werd haar te eng in het vertrek. Onbemerkt sloop zij naar achter, naar den donkeren, warmen stal, waar Groeneveld's doorvoede beesten lagen te herkauwen in behagelijke rust, of met den breeden kop, die door een helster aan een ijzeren ring was bevestigd, tegen de staken schuurden. Zij drukte het hoofd tegen den muur, en steunde als een hert, dat de wond voelt, diep in de borst

Hoe vreemd was toch alles toegegaan! Vier weken geleden had men haar verachtelijk nagewezen, omdat zij zich had verbonden aan den zoon van een tuchthuisboef, en thans noemde men haar een uilskuiken, omdat zij die verbinding had verbroken, 't Is waar, zij had sinds dat tijdstip geen rustig oogenblik meer gehad. Heete tranen had zij er in het verborgen om geschreid, dat het laatste gesprek met hem zoo'n bittere wending had genomen. Zij verweet het zich heftig, dat de trots, de hoogmoed haar ziel had overheerd, en zij versmaadde het, om tot hare verontschuldiging bij te brengen, dat Borgers in onbetamelijke en krasse hooghartigheid geen vinger had uitgestoken, om haar te waarschuwen. In ware zelferkentenis noemde zij zich zelve de hoofdschuldige, bestempelde haar gedrag als laf en verachtelijk, en eerst nu, in het vuur der beproeving, nu zij hem verloren had, leerde zij de sterke liefde kennen, die haar bond aan hem.

Doch thans waren hare lippen als door een drievoudig snoer gesloten, en haar hand, die zij ter verzoening wilde uitstrekken, was gebonden door een koord, sterker dan een keten van staal. Het was geen trots, die

Sluiten