Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met een nieuwen, hevigen snik voegde ze er bij: „En die oude juffrouw was u!"

Het viel haar blijkbaar mee dat Mien veel minder verontwaardigd was dan zij verwacht had en niet eens boos keek. „Ik vond het toch zóó akelig," zei ze langzaam.

„Ik denk dat zij het niet zoo heel erg gemeend hebben," zei Mien sussend. „En zij zullen nu al wel spijt hebben en niet weer zoo iets zeggen."

„Het is toch ook een heel leelijk scheldwoord!" zei Hanna met groote oogen. Blijkbaar had de uitdrukking „oude juffrouw" haar bizonder onaangenaam in de ooren geklonken!

„Een echt scheldwoord is het eigenlijk niet," zei Mien, die niet dadelijk wist wat ze zeggen zou om Hanna te troosten. „Een oude juffrouw — zoo noemt men iemand wel eens meer, die niet getrouwd en niet jong meer is en ...."

„Maar u.... u bent toch geen oude juffrouw!" viel Hanna in met trots in haar stem, „u bent mijn moedertje immers!"

Wat kwamen de laatste woorden er teer en hartelijk uit. Mien trok haar dichter naar zich toe en nam haar op den schoot, groot kind als ze was!

Dit scheen Hanna goed te bevallen — met een gevoel van welbehagen legde ze haar hoofdje tegen Mien's schouder en zuchtte eens diep. Beiden bleven even zwijgen, toen opeens kwam Hanna's droefheid weer op en het hoofd onrustig heen en weer schuivend, riep ze, bijna hartstochtelijk:

„Ik wou toch liever dat ik ook maar een vader en

Sluiten