Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

D'r haar, toen ze bij Bernlef kwam, die in De deur haar wachtte en vroeg: »Hoe komt dat zo?« »Da's ons geheim« zei Ava lachende En frisser deed ze 't ochtend-huislik-werk.

»Nee, waar was wel m'n vroeger lied,« dacht Bragi, »Waar, maar de diépste waarheid niet, ik moet Tot dieper diepte afdalen in het leven Van mens en — later — God!« Zo mijmerde Hij heel die dag en Ava's woord en daad,

Haar minst beweginkje, hem deed het denken. Dat was het wat hij uiten moest in 't lied,

Maar mocht het dan geen beeld meer zijn, dat stond Voor 't geestesoog van geestdriftvolle hoorders? Èn beeld èn zielsbewegen! Juist, maar hoe?

En de avond daalde en 't antwoord wist hij niet. ' Blij was toen Ava, toen ze moe zich met Hem drijven liet, heerlik was 't zweven zelf al, Zo onbewust als in 'en mooie droom,

En 't frisse bad daarna sterkte haar leen.

Bragi begreep hoe ongekende kalmt Daar zeeg op haar: zo zinkt de vrede neer Op de eerbiedaadmende gemeente, als Het orgelspel tot samenzingen noodt.

Weer stoorde zij Bragi's gemijmer, maar 't Was anders als des morgens en haar woord

Sluiten