Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Starogend zit: hij weet het niet, maar voelt: Z'n verder leven zal goed zijn. Geen zang Verbrak het zwijgen, slechts 't geritsel van 'En slaperige vogel, die z'n wiek Uitsloeg en wat verschoof, wanneer 'en koeltje De hoge bomen even wieglen deed En fluisteren het roerloos kreupelhout.

En toen de brave mensen sliepen in De hoeve en schuren, nu het jonge paar In optocht Bernlef's woning binnen was Gebracht, toen opende de Dichtergod De deur en hand in hand zochten zij in De ruimte-buiten zich 'en plekje uit.

Daarbinnen was het hun të eng voor hun Geluk. De den, die Bragi eens beschaüwd Had en Idoena's beeld hem zien liet, werd Nu uitgekozen voor hun overgroot geluk En 't was of alles eerbiedvol er zweeg.

Ze wekten Gunlod, Hagen, klommen op, Het duin en daar liet Bragi 'n lied uitklinken, Waarin z'n vol geluk zich uiten moest.

Nooit zou weer zulk 'en tonenvloed Over die dalen glijden; nooit zou iemand In staat zijn 't woord, dat voort bleef ruisen in Geboomt en riet, zo weer te zeggen, maar

Sluiten