Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoogte; deze worden in de volgorde van beneden naar boven weggenomen en opgevuld, terwijl uit den aard der zaak de ontginning der laag aanvangt met het bovenste blok. Een blok slaat hier dus gelijk met een étage bij dunne lagen en een snede met een pijler bij den pijlerbouw of met een strijkende strook bij de methode met breed front.

De methode is onafhankelijk van de dikte der afzetting, wat reeds uit het voorgaande volgt; zij is echter gebonden aan een minimum helling tenminste voor dikke lagen, maar niet aan een maximum, waarom zij voor dikkere ertsgangen bijna algemeen wordt toegepast. Behalve de in § 24 vermelde voordeelen is hier nog toe te voegen, dat de horizontale vlakken een uitmuntende zool opleveren voor het opvulsel; een nadeel is echter dat de waardelooze deelen eener afzetting niet zooals bij de hellende methode en ook bij die met trappen, onafgebouwd kunnen worden gelaten, omdat zij door alle tranches gesneden worden. Voor den kolenafbouw kan dit nadeel vrij groot zijn, voor den ertsmijnbouw is het van minder belang omdat dergelijke gedeelten toch meestal ten minste ten deele kunnen blijven staan.

Het is duidelijk, dal bij den afbouw eener snede het hangende der laag slechts over een kleine oppervlakte gelijktijdig ontbloot wordt, en er dus geen aanleiding bestaat tot het sterk in druk raken er van, tenzij in de reeds afgebouwde en opgevulde gedeelten, waar het minder op aan komt. Dit voordeel weegt in den regel ruimschoots op tegen het evengenoemde nadeel.

De hoogte der blokken richt zich dan ook in hoofdzaak naar de hoedanigheid van het dak en moet door de praktijk worden vastgesteld. In het begin der ontginuing neme men haar liever wat te klein dan te groot. Een kleine hoogte brengt echter het herhaalde drijven van dwarsgalerijen met zich, wat natuurlijk zooveel mogelijk moet vermeden worden.

VERSCHILLENDE AFBOUWMETHODEN. Een snede bij de horizontale methode kan het best worden vergeleken bij een langen pijler in den pijlerbouw : zij is beperkt in de breedte en onbeperkt in de lengte, bezit echter geen helling doch is steeds horizontaal gelegen. Dil laatste is oorzaak dat het theoretisch onverschillig is of het aanvalsfront bij den afbouw evenwijdig aanof loodrecht op de lengterichting van de snede wordt genomen, of beter gezegd dat men hierbij geen rekening heeft te houden met de helling. Beide methoden worden dan ook aangewend. Verdeelt men de snede in strooken evenwijdig aan de lengterichting zoo heet de methode: lengtebouw; zijn zij daarentegen loodrecht er op, zoo noemt men haar dwnrsbouw.

De eerste kan altijd worden loegepasl, ook bij afzettingen van zóó geringe

Sluiten