Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aldaar verzamelt en door de vuurverschijnselen, aan liet ontsteken onvermijdelijk verbonden, tot ontvlamming resp. ontploffing zou kunnen gebracht worden. Geheel zonder gevaar is het schieten in dergelijke mijnen trouwens nooit, en men heeft reeds verschillende middelen voorgesteld om hetzelfde resultaat op andere wijzen te verkrijgen (zie het slot dezer §);

b. evenmin is het aan te raden de gaten geheel onderaan te plaatsen indien de mijn droog en de kool tevens zeer stoffig is. Door de ontploffing wordt dan het fijne slof dat zich op den bodem der galerij bevindt zeer ver weggeslingerd, en het is bewezen dat door de ontvlamming hiervan verschrikkelijke explosies hebben plaats gehad. Deze gevaarlijke eigenschap heeft men trachten te verminderen, door in dergelijke mijnen een kunstmatige besproeiing aan te brengen (§ 215) cn ook wel door eerst lange boorgaten te maken en daarin vóór het schieten water onder sterken druk te persen;

c. een plaats waar geschoten wordt, in de eerste plaats in gashoudende kool, moet geventileerd worden door een sterken verschen luchtstroom. Op welke wijze die kan verkregen worden zal later blijken (§ 137);

d. telkens dient men zich vóór het schieten te vergewissen dat geen mijngas zich ter plaatse bevindt en dit, indien liet aanwezig is, door een versterkte ventilatie trachten te verdrijven. Is dit laatste niet mogelijk zoo moet het schieten strikt verboden worden;

e. de lading mag niet sterker genomen worden dan noodzakelijk is. De ondervinding leert spoedig wat voor een bepaald gesteente of mineraal de voordeeligste lading is;

f. nadat het ontploffingsmiddel in het boorgat is gebracht, mag onder geen voorwendsel met ijzeren- of stalen gereedschap in dit laatste worden gewerkt, doch moet koperen of beter houten gereedschap worden gebruikt, ten einde het ontstaan van vonken te verhinderen. Om dezelfde reden mag het opvulsel nooit grof en steenachtig zijn.

Sedert eenige jaren heeft men met goed gevolg proeven genomen om de gevaarlijke uitwerking van het schieten in mijnen met veel gas of kolenstof te verhinderen door de zoogenoemde waterpatronen, berustende op het beginsel dat een vlam door een voldoende hoeveelheid water wordt uitgedoofd. Het schijnt dat het volume water minstens viermaal zoo groot moet zijn als dat van de lading; hiernaar is dus deze laatste en de diepte van het boorgat te berekenen. Het ontsteken dient daarenboven elektrisch te geschieden.

De nieuwste wijze van het laden van een boorgat is als volgt: Onder

Sluiten