Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deze zóó dat zij de lagen zoo na mogelijk loodrecht snijdt. Te sterke afwijkingen van den laatstgenoemden stand zijn niet aan te raden, omdat zoowel het maken als hel onderhouden van zulke galerijen moeilijker is.

Het zal duidelijk zijn, dal hoe vollediger het voorloopig onderzoek en de voorbereiding zijn geweest d. w. z. hoe meer gegevens omtrent het beloop der lagen daardoor zijn verkregen geworden, hoe geringer de kans zal zijn dat men een dwarsgalerij drijft, die later blijkt niel aan de gestelde eischen te voldoen: n 1. de grootste hoeveelheid mineraal bloot te leggen bij de geringste lengte, en daarbij voor luchtverversching en afvoer het meest geschikt te zijn.

Alle zoogenoemd horizontale galerijen hebben eene kleine helling, eensdeels voor het afvloeien van het water, anderdeels om redenen die bij het vervoer nader te sprake zullen komen (§ 171).

Daar deze helling afhangt van den aard van het transport, is hare grootte niet in het algemeen aan te geven, doch zijn '/io# ® Vioo °°k bij het gebruik van rails de meest voorkomende bedragen (dus 1 a 2 cM. per Meter ol '/, » Vs graad).

Tot voorloopige meting kan men volstaan met een groot houten timmermanswaterpas, waarop de toegestane afwijking van het schietlood is aangegeven. Van tijd tot lijd wordt door nauwkeurige waterpassing nagegaan of de helling werkelijk overal even groot is (zie ook § 293).

Ten einde in de galerij zelf geen last te hebben van het afvloeiende water, maakt men gewoonlijk, hetzij in het midden, hetzij aan een der kanten, in den bodem een verdieping of goot (fig. 76, 95, 100), die in het eerste geval altijd, in het laatste gewoonlijk op een of andere wijze bedekt wordt.

§ 89. AFMETINGEN DER GALERIJEN. De afmetingen aan eene galerij te geven verschillen naar het gebruik dat er van gemaakt wordt. Vroeger dreef men de galerijen, die alleen voor de luchtverversching moeten dienst doen, zeer smal zoodat een mensch er zich ternauwernood in kon bewegen. Tegenwoordig is men algemeen hiervan teruggekomen, en worden de luchtgalerijen even ruim als de vervoergalerijen, eensdeels omdat men heeft ingezien dat een gemakkelijke en ruime luchtcirculatie op den gang van het werk een voordeeligen invloed uitoefent en bij de sterk gashoudende mijnen zelfs noodzakelijk is (§ 152 en 157), ten andere om het in zijn macht te hebben de luchtgalerijen met geringe moeite en kosten tevens voor vervoer in te richten (§ 157).

De afmetingen der vervoergalerijen richten zich behalve naar de vastheid

Sluiten