Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slingerende beweging aan te nemen, en zou hij ook bij wat groote lengte van het remvlak over den grond slepen, wat veel wrijving en dus verlies aan arbeid zou veroorzaken. Ten einde dit te verminderen worden tusschen de rails rollen aangebracht (over de constructie biervan zie § 177). Bij zeer steile helling der baan verliezen de rollen hun nut en vervangt men ze gewoonlijk door een planken vloer tusschen de rails.

Een remvlak kan dubbel• of enkelwerkend zijn, d. w. z. dat het vervoer der ledige en volle wagens gelijktijdig of afwisselend geschiedt. In § 106 hebben wij het eerstgenoemde geval reeds aangevoerd; het verlies aan nuttig effect is hierbij het geringst, en zelfs kan men de overmaat van arbeid dooiden vollen wagen verricht nog op andere wijzen dienstbaar maken.

Zulke dubbelwerkende remvlakken (niet te verwarren met de tweevleugelige, § 19) zijn in hun normalen en eenvoudigsten vorm ingericht zooals fig. 138 aangeeft.

A en G zijn met rails voorziene werkgalerijen, die in het remvlak R uitmonden. Dit laatste bezit twee paren rails r en r,, één voor den opgaanden en één voor den neergaanden wagen. De daarbij behoorende kabels k en A, zijn aan het remtoestel T verbonden. Het gearceerde gedeelte P is een ijzeren of stalen plaat, waarop de wagens worden gedraaid. Deze is onbeweegbaar en belegd met gekromde railstukken, die de aansluiting bewerken tusschen de baan der werkgalerij en die van het remvlak.

Het is niet te ontkennen dat de dubbelwerkende remvlakken eenige groote voordeelen bezitten. Behalve het bovengenoemde, komt voornamelijk in aanmerking dat men bij een tweevleugeligen afbouw, die op een regelmatige wijze plaats heeft, meer product in denzelfden tijd kan vervoeren dan op een enkel werkend remvlak, zonder tot dubbele wagens over te gaan.

Intusschen verkrijgen zij een aanzienlijke breedte en kunnen dus, indien het hangende niet zeer vast is, veel kosten aan onderhoud veroorzaken.

Daarenboven bezitten zij het nadeel dat bij ongelijkmatig rekken der beide kabels niet goed een gelijktijdige aansluiting van de rails van den remstoel (§ 113) onder- en bovenaan het remvlak met die der werkgalerijen wordt verkregen. Dit kan verholpen worden door die kabels elk op een afzonderlijken rol of trommel te laten opwinden; de beide rollen zijn dan wel op dezelfde as bevestigd doch daarop draai- en verplaatsbaar, zoodat men daardoor de lengte der beide kabels onafhankelijk van elkaar kan regelen.

§ HO. ENKELWERKENDE REMVLAKKEN. TEGENGEWICHT. Een en ander is oorzaak dat dit soort remvlakken in de mijnen niet zeer veel

Sluiten