Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dezelfde stevigheid veel zwaarder, en bij hetzelfde gewicht veel zwakker worden; zij worden dan ook bij het schrammen weinig gebruikt.

Het spreekt van zelf dat bij het werken in eenigszins harde stoffen zelfs in harde kool, de spits vrij spoedig afstompt en het werktuig daardoor onbruikbaar wordt, terwijl het licht is in te zien dat het medenemen van meerdere toch altijd vrij zware pikhouweelen voor den werkman tamelijk bezwarend is. Men bezigt daarom tegenwoordig dikwerf losse, ongeveer 150 mM. lange spitsen, die van achteren stompkegelvormig afgedraaid zijn en in een gal van het blad juist passen. Hierdoor heeft de werkman dus slechls één houweel en één steel noodig, en vervangt naarmate van behoefte alleen de spits.

IUVELAINE EN LETTENHOUWEEL. Een eigenaardig soort pikhouweel is in Frankrijk en Engeland, doch vooral in België in gebruik, en in laatstgenoemd laud onder den naam van rivetaine bekend; men zou het schrammes kunnen noemen. De ijzers zijn plat en van boven driehoekig van vorm of op een bijzondere wijze omgebogen. Soms is het geheele werktuig van ijzer en dan van onder tot een rond handvat uitgesmeed (fig. 153) soms is een houten handvat voorhanden (fig. 131) zij hebben het voordeel van veel lichter te zijn dan de pikhouweelen, en de lengte van handvat tot mes is dan ook dikwijls lot 1 Meter; zij zijn echter ook minder stevig en daardoor alleen in zachte schramlagen te gebruiken.

In dergelijke lagen (b. v. van letten, deel I § 105) bezigt men ook wel het lettenhouweel (fig. 125); hel is een gewoon pikhouweel dat in plaats van een spits een scherpen kant k bezit die loodrecht op den steel staat, en 50—60 mM. breed genomen wordt. Met dit instrument kan daardoor niet alleen stootend maar ook kervend en snijdend gewerkt worden. De stelen zijn meest langer dan bij het gewone pikhouweel en worden zelfs tot 125 cM. lang.

SCHRAMSPIES. HOUWEEL MET HAMER. Waar de schram te diep wordt, en vooral om bij hardere gesteenten en mineralen een aangrijpingsgleuf voor het pikhouweel te verkrijgen, bezigt men het schramijzer (schramspies), een afgestompt vierkante ijzeren staaf van 80—180 cM. lengte en 20 mM. breedte, met verstaalde pyramidale punt. Hel werktuig wordt met beide handen en stootend gebruikt, ook wel met den moker ingedreven. Ook wendt men het aan, waar vlak bij een der wanden eeuer galerij moet geschramd worden.

De werkman komt dikwijls in de noodzakelijkheid tijdens het schrammen een verbrijzelend werktuig te bezigen. Te dien einde is dan het pikhouweel

Sluiten