Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

trein telkens dubbel zoo groot wordt genomen. De machine zal dan weliswaar sterker moeten geconstrueerd zijn, maar dit komt hijna niet in aanmerking waar men de keus heeft tusschen dit middel en een doorloopende vergrooting der galerijdoorsnede.

Een voordeel van enkelwerkend vervoer is nog dat de aanvoer van product uit zijgalerijen veel gemakkelijker is, en dat de wisselplaatsen smaller kunnen zijn.

Waar tot dubhelwerkend vervoer besloten wordt heeft men de keus tusschen den gewonen kabel zonder eind (dus met transport van wagentreinen) en de zoogenoemde zwevende methode, hetzij met ketting, hetzij met kabel (dus met geleidelijk transport van enkele wagens). Het voordeel der eerste methode bestaat voornamelijk daarin, dat men zooveel of zoo weinig wagens kan vervoeren als men wenscht, wat vooral bij onregelmatige ontginningen van belang kan zijn; overigens is zij tegenover de derde methode in het nadeel daardoor dat de kabel voortdurend gespannen wordt gehouden en dus veel spoediger defect raakt.

In den regel zal men zijn keus moeten bepalen tusschen een der beide zwevende methoden. Het schijnt dat de exploitatiekosten bij beide niet veel uiteenloopen; in Silezië varieerden zij van 2y2 tot 5 cent per tonkilometer, al naar de lengte en de hoedanigheid der baan.

De zwevende ketting werd tot vóór een tiental jaren verreweg het meest toegepast en bezit vooral bij niet te lange banen en met name bij zulke, waar vrij sterke hellingen te overwinnen zijn, ontegenzeggelijk veel voordeelen. Wordt de baan echter zeer lang dan is men genoodzaakt twee kettingen te nemen, wat om verschillende redenen lastig is. Brekage van den ketting, met zijn gemiddeld 13 schalmen per Meter, komen uit den aard der zaak meer voor dan zulke van den kabel; daarbij zijn zij meest plotseling, terwijl bij den kabel in den regel eerst een of twee draden breken en men de zwakke plaats dus dadelijk kan versterken.

Dan is een ketting veel zwaarder dan een kabel: gemiddeld is de verhouding 41/, : 1 (1 Meter ketting = 8 KG.); er is dus door de machine een veel grootere doode last te bewegen en door eiken wagen (bij 20 M. afstand) een extra belasting van 160 KG. te dragen, waardoor èn de bovenkanten der kasten lijden èn de assen, vooral als deze laatste niet voortdurend goed gesmeerd worden.

Krommingen (vooral lange) zijn bij het gebruik van een ketting altijd moeilijker en met meer gevaar verbonden dan bij een kabel (met de kettingverbinding).

Sluiten