Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Heeft dit eenmaal plaats gehad, zoo wordt de drukking der atmosfeer, die het water in de pomp perst, tegengewerkt door een kolom water gelijk aan de zuighoogte, door de wrijving tegen de wanden, de schokken die bij de krommingen ontstaan, enz.

Was de grootste zuighoogte d. i. de afstand tusschen het ondervlak van den plunger in zijn hoogsten stand en het niveau van het grondwater, grooter dan de drukking der atmosfeer, zoo zou deze laatste tegen het einde van den opgaanden slag geen water meer door de zuigklep doen stroomen, m. a. w. er zou in den cilinder onder den plunger een luchtverdunde ruimte ontstaan. Bij het neergaan van den plunger, dat in den regel door het eigen gewicht geschiedt, zou deze dan in den aanvang bijna in het geheel geen tegenstand ondervinden, dus met groote snelheid dalen, om dan plotseling den geheelen weerstand te moeten overwinnen, die noodig is 0111 de drukklep te openen en het water in de stijgbuis naar boven te persen. Er ontstaat dus noodzakelijk een gevaalijke stoot.

Hetzelfde zou natuurlijk het geval zijn indien de afstand van de drukklep tot het niveau van het grondwater grooter was dan de hoogte van de atmosfeerdruk.

In het algemeen laten zich dergelijke ofschoon veel zwakkere stooten door de eigenaardige inrichting der niet-roteerende, z. g. balansmachines (§ 232) bij het einde van eiken opgaanden en het begin van den neergaanden slag niet vermijden; daar deze stooten het gevolg zijn van plotseling veranderden weerstand bij het openen en sluiten der kleppen moet er dus zeer op gelet worden, dat de tuig klep zich spoedig sluit en de drukklep zich zeer gemakkelijk opent (§ 228).

Ook moeten de zuig- en stijgbuizen zoo wijd mogelijk genomen worden ten einde de snelheid en dus de levende kracht van het water daarin zooveel doenlijk te verminderen, waardoor de stooten zwakker worden.

Het water in de zuigbuis bevat steeds een zekere hoeveelheid lucht, die door de zuigende werking bij den opgaanden slag vrij wordt en zich onder den plunger verzamelt (§ 225). Eveneens kan soms lucht door de pakkingbus of door ondichtheden in de verbindingen in den cilinder binnenkomen. Het zal duidelijk zijn dat deze lucht een dergelijken nadeeligen invloed zal hebben als boven voor de luchtverdunde ruimte is aangegeven d. w. z. dat een stoot ontstaat.

Daarenboven wordt deze lucht bij den neergaanden slag sterk samengeperst, oefent derhalve een groote spanning uit en vermeerdert daardoor in den aanvang de snelheid van het water in de stijgbuis. De machine werkt dus onregelmatig.

Sluiten