Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden (verloren punten). Alleen de eerste methode maakt het mogelijk een bepaald gedeelte nogmaals na te meten b. v. voor het ontdekken van fouten, en zij vergemakkelijkt in hooge mate het doen van aansluitingsmetingen. Zij heeft echter alleen waarde bij een zeer vast hangende zooals dit b v. in ertsmijnen dikwijls voorkomt. In kolenmijnen wordt zij daarom niet zoo algemeen toegepast, maar het verdient aanbeveling vaste punten aan te brengen in de dwarsgalerijen en op zulke plaatsen in de grondgalerijen, van waaruit men kan naguan dal latere melingen zullen uitgaan. Is het hangende slecht dan kan men die vaste punten ook in het liggende (aan den vloer) nemen, ofschoon daardoor het centreeren omslachtiger wordt.

Om den theodoliet bij het aanwezig zijn van vaste punten in het dak te centreeren is het noodig dat op den horizontaal gestelden kijker (of naar omstandigheden op het daarop geplaatste buisniveau) een punt wordt aangebracht dat zoo juist mogelijk gelegen is boven het middelpunt der le (vertikale) as van het instrument. Nadat de theodoliet is opgesteld en de le as in den vertikalen stand is gebracht wordt de kijker horizontaal geplaatst en iu het midden van den ijzeren kram, die het vaste punt voorstelt, een klein aangepunt schietlood aan een dunnen draad naar beneden gelaten, en nu het instrument verschoven lot de scherpe punt juist valt vlak boven het evengenoemde punt op den kijker. Vervolgens laat men het bovenstel van den theodoliet langzaam draaien; beschrijft daarbij het onderste der twee punten een cirkelboog om het bovenste punt zoo is het middelpunt daarvan als centrum van opstelling aan te nemen.

Het spreekt van zelf dat het niet altijd mogelijk zal zijn de armen of dwarsbalken juist horizontaal te stellen, en dat het instrument dus bij het verschuiven ter centreering uit den gewenschten stand komt en bij elke verschuiving weer daarin moet worden gebracht. Ofschoon dit bezwaar erger lijkt dan het bij eenige oefening is, heeft men om het te verhinderen die armen soms van afzonderlijke inrichtingen voorzien die op zich zelf horizontaal worden gesteld en waarop dan het instrument wordt geplaatst.

Zijn de galerijen geschikt voor het bezigen van een gewoon statief zoo zet men het bovenblad op het oog of met een doosniveau zoo goed mogelijk horizontaal in zulk een stand dat de loodlijn uit het vasle punt genoegzaam in het midden der opening valt, en plaatst dan eerst het instrument dat nu natuurlijk slechts een geringe verschuiving zal behoeven le ondergaan.

Bij een eerste meting volgt men uit den aard der zaak den omgekeerden weg: men zet eerst het instrument gereed voor de meting in den gewenschten stand en slaat dan den kram die het vaste punt moet voorstellen, met behulp

Sluiten