Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ook een deel van het land der Chaldaeën heeft omvat. Immers Babyion wordt door profane schrijvers dikwijls daarin geplaatst. Het Hebreeuwsche woord beteekent slechts zooveel als het door rivieren bevochtigd Syrië. Aram noemen zij Syrië, dat niet ver van Judaea begint, en dat Armenië en andere groote streken omvat, en zich bijna uitstrekt tot de Zwarte Zee. Als ze nu in het bijzonder die landen aanduiden, waarlangs of waardoor de Tigris en de Eufraat stroomen, voegen zij er den naam Padan bij. Wij weten toch, dat Mozes niet spitsvondig, maar in de taal des volks heeft gesproken. Maar omdat Mozes later hoofdstuk 29: 4 verhaalt, dat Laban, Nachors' zoon, in Charran heeft gewoond, komt het mij waarschijnlijk voor, dat deze, die in Chaldaea was achtergebleven, omdat het hem moeilijk viel zijn geboortegrond te verlaten, na verloop van tijd van gedachte is veranderd, hetzij omdat de liefde hem drong om dicht bij zijn vader te zijn, die reeds oud en neergebogen was, hetzij omdat hij gehoord had, dat het wonen daar niet minder geschikt was, ' dan in zijn vaderland. Dat hij althans niet tegelijk is verhuisd, is bekend uit het elfde hoofdstuk.

5. En hij zeide tot zijn knecht. Dat hij aangaande Izaak niets in het midden brengt, daaruit kan men opmaken, dat hij zoodanig overtuigd is geweest van diens goedkeuring, dat hij niet twijfelde, of hij zou zijn vader gehoorzamen. Zijne godsvrucht verdient lof, daar hij niet lichtzinnig overgaat tot zweren. Het stond hem vrij door het eischen van een eed, zijne trouw en ijver, die tot zijnen plicht behoorden, te verbinden. Wijl echter de goede uitslag der zaak van den wil van anderen afhing, voert hij met recht en voorzichtiglijk deze uitzondering aan „bijaldien het meisje niet wil volgen."

6. Opdat gij soms mijn zoon daarheen niet terugvoert. Als soms geen vrouw naar wensch werd gevonden, houdt Abraham, de uitkomst der zaak den Heere aanbevelende, het hoofdpunt hardnekkig vast, dat zijn zoon Izaak niet zou terugkeeren naar zijn vaderland, omdat hij op die manier zich van de beloofde erfenis zou beroofd hebben. Hij wilde dus liever, dat hij in hope als vreemdeling in het land Kanaan zou verkeeren, dan onder zijne bloedverwanten op zijnen geboortegrond zou gaan rusten. En zoo zien wij, dat het hart van den heiligen man door geen aanjaging van zorgen in moeilijke en verwarde zaken, zich van Gods bevel heeft laten afleiden. En wij worden

Sluiten