Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat de droom geen gewone geweest is. Want die ontwaakt, weet ten minste alsdan, dat hij door droomen is misleid.

God echter gaf een teeken aan het gemoed zijns knechts, opdat hij bij het ontwaken zou weten, dat het eene hemelsche Godspraak was, die hij in zijnen slaap had gehoord. Voorts beschuldigt Jacob uit eigen beweging zichzelven in zijne woorden, terwijl hij Godsgoedheid verheft, daar Hij ongevraagd hem met zijne verschijning heeft verwaardigd. Jacob toch meende, dat hij daar alleen was, maar thans, nadat hem God is verschenen, verwondert hij zich en roept hij uit, dat hij meer heeft ontvangen, dan hij had durven verwachten. Toch lijdt het geen twijfel, of Jacob heeft God aangeroepen, terwijl hij overtuigd was, dat God hem tot leidsman op den weg zou zijn. Maar omdat zijn geloof niet zoo ver was gegaan, dat hij overtuigd was van Gods nabijheid, roemt hij met recht deze genade.Alzoo hebben ook wij, zoo dikwijls de Heere ons voorkomt en meer geeft, dan ons verstand heeft uitgedacht, op het voorbeeld van onzen vader ons te verwonderen, dat God ons nabij is geweest. Overigens als elk onzer bedenkt, hoe klein zijn geloof is, zal er altoos voor allen eene rechtmatige reden bestaan, om aldus te spreken ; want wie kan de groote massa gaven begrijpen, waarmee God ons plotseling overlaadt ?

17. En hij vreesde en zeide. Het is wonderlijk, dat Jacob vreesde, schoon God zoo liefelijk had gesproken, en dat hij die plaats vreeselijk noemt, waar hij met ongelooflijke blijdschap was vervuld geworden. Ik antwoord, dat God, schoon Hij zijne knechten verblijdt, tevens hun vrees inboezemt, opdat zij zouden leeren, met ware nederigheid en zelfverloochening zijne genade aan te nemen. Versta dus niet, dat Jacob door vrees verbijsterd is geweest, gelijk slechten, zoodra God zich vertoont, beangstigd worden, maar hem werd eene vrees ingeboezemd, die dringt tot vrome onderworpenheid. Ook noemt hij die plaats terecht ā€˛poort des hemels" vanwege Gods verschijning. Want daar voor God de hemelen als het ware de koninklijke zetel is geplaatst, zegt Jacob naar waarheid, dat hij toen hij God zag, in den hemel met zijn blik is doorgedrongen.

In dezen zin wordt de prediking van het Evangelie genoemd het koninkrijk der hemelen, en kunnen de sacramenten genoemd worden poorten des hemels, omdat zij ons toegang geven tot de aanschouwing Gods. Zonder grond voeren de Pauselijken echter deze plaats aan voor hunne Tempels, alsof

Sluiten