Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn hemelschen troon afrukken, om Hem te onderwerpen aan hunne grove verzinselen, evenzoo worden geloovigen op vrome en betamelijke wijze door aardsche teekenen opgeleid tot den hemel. Dit is dus de hoofdzaak, dat Jacob wilde betuigen, dat hij eenen anderen God diende, die zich alleen door zekere Godspraken had geopenbaard, zoodat hij Hem veilig kon onderscheiden van alle afgoden. En deze bescheidenheid hebben wij in acht te nemen, om van de wonderen en de eere Gods niet zorgeloos maar geloovig te spreken, in zooverre Hij ons uit het woord bekend is. Bovendien had Jacob het oog op zijn nakomelingen. Want daar de Hecre zich onder die voorwaarde aan hem had geopenbaard, dat Hij het Genadeverbond bij hem in bewaring stelde, liet hij een gedenkteeken na, waaruit nazijnen dood zijne nakomelingen konden leeren, dat zijn godsdienst niet uit een schemerachtige of donkere put, of uit een troebele kuil voortkwam, maar uit eene heldere en zuivere bron. De Godspraken en verschijningen, waardoor Hij was onderwezen, vereeuwigde, hij in zijn altaar.

34ste HOOFDSTUK.

1. En Dina, de dochter van Lca, die zij aan Jacob had gebaard, ging uit, om de dochteren des lands te bezien.

2. En Sichem, de zoon van Hemor den Heviet, den vorst des lands, zag haar, en nam ze, en lag bij haar en onteerde ze.

3 En zijne ziel hing aan Dina, Jacobs dochter, en hij beminde het meisje, en hij sprak naar haar hart.

4. En Sichem sprak tot Hemor zijnen vader, zeggende: neem mij die jongedochter tot eene vrouw.

5. Jacob nu hoorde, dat hij Dina zijne dochter had onteerd, doch zijne zonen waren met het vee op het veld, en Jacob zweeg totdat zij kwamen.

6. Toen ging Hemor de vader van Sichem uit tot Jacob, om met hem te spreken.

7. Daarna kwamen Jacobs zonen uit het veld, en toen zij het hoorden, werden zij zeer bedroefd en zeer vertoornd, want hij had eene schanddaad verricht in Israƫl, door in te gaan tot Jacobs dochter, want alzoo doet men niet.

li 15

Sluiten