Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

23. Syn oock middelertyt de vruchten des voorscreven Beneficie geappliceert tot reparatie der kercke van Outurnout, soo de supplianten en sullen bevinden in de Rekeninghen derselve kercke.

24. Ende daer naer, syn de vruchten, midts de erectie van de nieuwe vicarye oft pastorye van Outurnout geappliceert tot deselve, midts de dickgemelde incorporatie van hetzelve Beneficie, totte voorscreven vicarye oft pastorye.

25. Behooren oock de supplianten, oft immers de ingesetenen van Outurnout (dye soo moedich in hunne attestatie aende requesto gehecht attesteren) indachtich so syn, dat sy in den jaer 1618 in conformiteyt van 't voorverhaelde, ootmoedelyck hebben te kennen gegeven, beneffens hunnen pastoor oft vicarius perpetuus, aen svne Hoogw1'*» Malderus, dat sy niet versien en waren van een eerste misse op sondaeghen oft op heylichdagen.

26. Oirsaecke dat Heer Jan Gerlacus, met consent des voorscreven capittels hem heeft gepresenteert, om denselven dienste te doen, op sekere conditie ende voorwaerden als naerder te sten is uytte medegaende copye geteeckent Littra D. Gelyck hy oock tselve dien volgende heeft aengenomen ende gecontinueert tot synen sterfdach toe, geschiet in den jaere 1638.

27. Ineen evident teecken dat de ingesetenen van Outurnout niet alleenlyck de erectie van de vicarye perpetueel oft pastore, en hebben gelaudeert, geapprobeert, ende hunnen pastoor voor sulcx aengenomen ende gekendt, maer oock hebben uytdiuckeljck vercleert, van egheen eerste misse in haere kercke versien te wesen.

28. Ende hoe nootsaeckelyck ende salich dat is geweest de erectie van de voorscreven vicarye perpetueel connen de supplianten hierujt ordeelen dat deselve ingesetenen de excessiven en den onverdrachgelycken last van den plebaen van Turnout, ende Outurnout die geenssins en correspondeert op de profyten ende emolumenten van de voorschreven plebanie, hebben motu proprio in den jare 1609 by den Stoel van Roomen, op hunnen cost, unie van twee prebenden tot profyt ende vermeerderinghe der plebanie versocht ende vercreghen, hoe wel de voorscreven unie door eenighe quaetwillighe, ofte beletselen, is vruchteloos geinaeckt.

29. Ten lesten dienen de supplianten te weten, dat oock

10

Sluiten