Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Lyon en te Genève, moest de wijk nemen naar Engeland, maar keerde vervolgens naar Lyon terug, waar hij in 1615 zijn „Amphitheatrnm aeternae providentiae" in het licht gaf, in 1616 gevolgd door „De admirandis nurae arcanis". Naar aanleiding van dit laatste beschuldigd van godloochening, begaf hij zich in 1617 raar Toulouse, waar hij eenigen tijd als onderwijzer werkzaam was. In November 1618 werd hij echter gevangen genomen, door het Parlement veroordeeld en den igden Februari 1619 verbrand.

Vanity fair (Engelsch = markt der ijdelheid) is een gevleugeld woord, ontleend aan Bunyan's „The pilgrim's progress etc". Het diende als titel van een der romans van Tliackeray n wordt somtijds ironisch voor „fancv fair" gebruikt.

Van Lerberg-he, Charles. Zie Lerberghe.

Vannes, de hoofdstad van het Fransche departement Morbihan, 5 km. ten N. van de Golf van Morbihan aan den spoorweg Parijs—Orleans gelegen, bestaat uit een oude beneden- en een moderne bovenstad. Het is de zetel van een prefect, van een bisschop, van een gerechtshof en van een handelsrechtbank. Behalve de overblijfselen van de oude wallen, bezit het een kathedraal (13ae—i8de eeuw) met een fraai portaal (1514), een modern stadhuis (1884), vele oude huizen, een college, een groot seminarium, een kweekschool voor onderwijzers en onderwijzeressen, een bibliotheek (10 000 dln.), een museum, rijk aan Keltische en Gallo-Romeinsche oudheden, en een mineralogisch museum. De voornaamste takken van bedrijf zijn de vervaardiging van katoenen stoffen en van touwwaren en looierij. De plaats, welke (1906) 21 534 (als gemeente 23 561) inwoners telt, bezit een haven en drijft handel in zout, graan, hennep, oesters enz. Vannes is het oude Dariorigum Venetorum in Gallia Lugdunensis. In 1352 werd de stad door de Engelschen onder graaf Robert van Artois veroverd, en van 1674 af was zij gedurende 14 jaar de zetel van het Parlement van Vannes.

Vanni, Francesco, een Italiaansch schilder, geboren te Siéna in 1563, begaf zich op 16-jarigen leeftijd naar Rome, waar hij onder leiding van Giovanni dei Vecchi werkte. Door Clemens VIII na een verblijf te Siéna, naar Rome ontboden, schilderde hij voor dezen „Simon de magiër door Petrus vermaand," een van zijn beste _ werken. Verder zijn nog van hem te Rome aanwezig: „Geeseling van Christus" en „Dood van de heilige Caecilia" en een „Gestorven Christus." Hij overleed in 1609.

Vannncchi is, naar het schijnt, de familienaam van den Italiaanschen schilder Andrea del Sarto (zie aldaar).

Vannucci, Pietro, bijgenaamd Perugino, de voortreffelijkste schilder der Umbrische school en de leermeester van Raffaël, werd geboren in 1446 te Citta della Pieve, genoot zijn opleiding te Perugia bij Piero della Francesca en vertoefde op zijne tochten geruimen tijd te Florence bij Verrochio, bij wien Leonardo da Vinei tot zijne medeleerlingen behoorde. In 1475 schilderde hij fresco's in het stadhuis te Perugia en in 1478 te Cerqueto, waarvan echter niets is bewaard gebleven. In 1482 begon hij te Rome met muurbeschilderingen in de Sextijnsche kapel, waaronder zich de voortref¬

felijke „Overgave van den sleutel aan Petrus" bevindt. Later was hij op verschillende plaatsen werkzaam, maar keerde steeds naar Florence terug, waar hij zijn atelier had. Zijn beste schilderijen ontstonden in de jaren van 1491-—1500. Wij noemen: een altaarstuk voorstellend den „Doop van het Christuskind" (1491), de „Beweening van Christus", troonende madonna's met Heiligen in de Ufficiën, voor het stadhuis te Perugia (thans in het Vaticaan), in de Santa Maria delle Nuova te Fano enz., een altaarstuk voor de Certosa en „Maria Hemelvaart" voor het klooster Vallombrosa. In 1496 voltooide hij een „Christus aan het kruis" met Heiligen en in een prachtig landschap in de Santa Maria Maddalena de' Pazzi te Florence, wellicht zijn meest verheven werk. Sedert 1500 valt in zijn talrijke werken, die hij slechts met behulp van zijn leerlingen kon voltooien, een voortdurende achteruitgang waar te nemen. In 1508 was hij weder werkzaam in het Vaticaan, waar hij de plafondbeschildering in de Camera dell' Incendio uitvoerde. Verder noemen wij nog: „Overwinning der kuischlieid op de begeerte", „Christi geboorte" en „Doop en verheerlijking." Hij overleed in 1523 te Castello Fontignano aan de pest.

Vannucci, Allo, een Italiaansch geschiedschrijver en staatsman, geboren den ls,en December 1810 te Tobbiana, was hoogleeraar in de letteren aan het Collegio Cicognini te Prato, werd redacteur van het „Archivio storico italiano" en vertegenwoordigde in 1849 Toskane te Rome bij de republikeinsche regeering. Genoodzaakt Italië te verlaten, vertoefde hij in Frankrijk, Engeland en Zwitserland, totdat hij in 1854 terugkeerde naar Florence. Hier werd hij directeur van de „Rivista di Firenze," vervolgers afgevaardigde, bibliothecaris der Bibliotheca Magliabecchiana, hoogleeraar in de Latijnsche letterkunde aan het lstituto di studj superiori en senator. Zijn voornaamste werk is: „Storia dell' Itaüa antica" (4 dln., 3ae druk, 1872). Verder schreef hij: „I primi tempi della libertè. florentina" (3de druk, 1871), „I martiri della libertè, italiana" (6de druk, 1877), „Studj storici e morali sulla letteratura latina" (3de druk, 1861), „Ricordi della vita e delle opere di G. B. Niccolini" (2 dln., 1866), „Proverbi latini illustrati". Hij overleed den 10den Juni 1883 te Florence.

Vannutelli, Serafirw, een Italiaansch kardinaal, geboren den 26sten November 1834 te Genazzano, studeerde te Rome in de godgeleerdheid en in de rechten, vergezelde den nuntius Meglia als auditeur naar het Hof van keizer Maximiliaan van Mexico en daarna naar München, werd in 1869 aartsbisschop van Nicaea ip. en apostolisch delegaat in Ecuador en Peru, in 1875 nuntius te Brussel en in 1880 te Weenen. Paus Leo XIII benoemde hem den 14dcn Maart 1887 tot kardinaal. In 1892 werd hij secretaris van de apostolische breven, in 1894 bisschop van Frascati en in 1903 bisschop van Porto, terwijl hij bovendien secretaris van de Inquisitie is.

Vanoea Levoe (= „het groote land"), op één na het grootste der Fidsji-eilanden, is 185 km. lang, heeft een grootste breedte van 60 km. en telt op een oppervlakte van 6 406 v. km. 30 000 inwoners, bijna uitsluitend uit inboorlingen bestaan-

Sluiten