Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vendóme.

generaal, streed in de vier Vlaamsche veldtochten, voerde in 1693 onder Catinat bevel in Italië en werd in 1695 opperbevelhebber van het Fransche leger in Catalonië, waar hij den 10den Augustus 1697 Barcelona veroverde. Bij het uitbreken van den Spaanschén Successieoorlog werd hij h 1702 als plaatsvervanger van Villeroi met het commando in Italië belast, leverde prins Eugenius bij Luzzara den 15den Augustus een slag, die onbeslist bleef, deed het volgende jaar een inval in Tirol, bombardeerde Trente, maar zag zich toch genoodzaakt naar Lombarbije terug te trekken. Daarop beoorloogde hij in 1704 de vereenigde troepen van Savoye en Oostenrijk in Piémont, bemachtigde in Mei Vercelli en noodzaakte

in September ivrea tot de overgave. Den 16den Augustus 1705 leverde hij prins Eugenius den onbeslisten slag bij Cassano en versloeg den 19den April 1706 de keizerlijke troepen onder Reventlow bij Calcinato. In Juli werd hij naar de Nederlanden gezonden, om nogmaals in plaats van Villeroi het commando op zich te nemen. Hij veroverde in 1708 Gent,Brugge enPlassendal, maar leed den llden Juli bij Oude¬

naarde de nederlaag, zoodat hij van het bevelhebberschap werd ontzet. In 1710 trok hij met hulptroepen naar Spanje en bracht den 3den September Philips V weder binnen de muren van Madrid en versloeg de Gealliëerden bij Brihuega en Villaviciosa, waardoor zij al hun veroveringen in Spanje verloren. Daarna begaf hij zich naar Catalonië om een opstand te dempen. Hij overleed te Vignaroz in Valencia den llden Juni 1712. Zijn jongere broeder Phili'ppe de Vendóme, geboren den 23Bten Augustus 1655, grootprior der Malthezer Orde in Frankrijk, streed onder Lodewijk XIV in de Nederlanden en aan den Rijn en sedert 1693 als luitenant-generaal in Italië en Spanje. Gedurende den Spaanschen Successieoorlog diende hij meestal in Italië. Na den slag bij Cassano werd hij wegens nalatigheid afgezet. Daarna vestigde hij zich eerst te Rome en vervolgens in den Temple te Parijs. Hij overleed aldaar als de laatste van zijn geslacht den 24sten Januari 1727. De titel hertog van Vendóme wordt thans gedragen door een zoon van den graaf van Parijs.

Vendukantoren. Zie Venduties.

Vendumeester. Zie Venduties.

Venduties, d. w. z. openbare veilingen of verkoopingen, mogen in Nederlandsch Oost-Indië in het algemeen niet anders gehouden worden dan ten overstaan van een vendumeester, zijnde afzonderlijke ambtenaren, die door het gouvernement worden aangesteld, of andere ambtenaren en notarissen, aan wie het vendumeesterschap als bijbetrekking wordt opgedragen. In 1642 werd de eerste vendumeester aangesteld. Het eerste vendukantoor werd opgericht te Batavia; de voordeelen, welke dit opleverde, kwamen aanvankelijk ten bate van den vendumeester en den afslager, eerst sedert 1797 werd het voor rekening van de Compagnie beheerd. In 1813 werden derge¬

lijke kantoren opgericht te Semarang en te Soerabaja. Thans zijn er op Java, Madoera en de Buitenbezittingen een groot aantal vendukantoren. Het laatste reglement op de openbare verkoopingen werd vastgesteld in 1908. Het oppertoezicht is opgedragen aan den directeur van Financiën, het gewestelijk toezicht in het algemeen aan de hoofden van gewestelijk bestuur.

Venedey, Jahob, een Duitsch schrijver, geboren den 24stcn Mei 1805 te Keulen, studeerde te Bonn en te Heidelberg in de rechten en moest in 1832 wegens zijn geschrift: „Ueber Geschwornengerichte" Pruisen verlaten. Als deelnemer aan het feest te Hambach werd hij in den herfst van laatstgenoemd jaar te Mannheim in hechtenis genomen, maar ontsnapte uit de gevangenis te Frankenthal, vertoefde tot 1843 in Frankrijk, daarop in Engeland, keerde in 1848 naar Duitschland terug, werd lid van het Voor-Parlement, behoorde inde Commissie van Vijftig en in de Nationale Vergadering tot de leiders der linker zijde en tot de GrootDuitsche, Anti-Pruisische partij en bleef ook in het Rompparlement tot aan zijn ontbinding zitting houden. Hij werd uit Berlijn en Breslau verbannen en woonde achtereenvolgens te Bonn, Zürich, Heidelberg en Oberweiler, waar hij den 8sten Februari 1871 overleed. Van zijn geschriften vermelden wij: „Reise- und Rasttage in der Normandie (2 dln., 1838), „Die Deutschen und Franzosen nach dem Geist ihrer Sprachen und Sprichwörter" (1842), „England" (3 dln., 1845), „Irland (2 dln., 1844), „Das südliche Frankreich" (2 dln., 1846), „Geschichte des deutschen Volks" (4 dln., 1854— 1862), „Friedrich der Grosze und Voltaire" (1859), „George Washington" (1862), „Benjamin Franklin" (1862), „John Hampden" (1843) „Machiavell, Mon tesquieu und Rousseau" (2 dln., 1850), „Heinrich Friedrich Karl von Stein" (1868) en „Die deutschen Republikaner unter der franzözischen Republik" (1870).

Venedig-er, een groep van de Hohe Tauern, wordt door de Birnlücker en de Velber Tauern begrensd. De hoogste top is de Grosz-Venediger (zie aldaar).

Venelin of Wenelin, Jury Iwanowitsj, een Russisch schrijver, werd geboren in 1802 in het noordoosten van Hongarije. Zijn naam was eigenlijk Jury Huca (Gusa), maar om aan vervolgingen te ontkomen, veranderde hij dien, toen hij te Lemberg student werd. In 1823 vertrok hij naar Rusland, werkte 2 jaar als leeraar te Kisjenew en studeerde vervolgens van 1825—1829 te Moskou in de medicijnen. In 1830 volbracht hij met subsidie der Academie te Petersburg een reis naar Moldavië, Walachije en Bulgarije. Zijn hoofdwerk is „De voormalige en hedendaagsche Bulgaren" (2 dln., 1829 en 1841), verder schreef hij: „Over den oorsprong der volkspoëzie", „Over de NieuwBulgaarsche letterkunde" (1838) en „Over de volksliederen der Zuid-Slaven." Hij overleed den 28sten Maart 1839 te Moskou. Na zijn dood verschenen nog: „Walachijsch-Bulgaarsche oorkonden" (1840), „Kritische onderzoekingen van de geschiedenis van Bulgarije" (1849) en „Reistafereelen uit Bulgarije" (1857).

Venema, Herman, een Nederlandsch godgeleerde, geboren te Wildervank in 1697, studeerde te Groningen en te Franeker, werd in 1719 predi-

Sluiten