Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Veni, vidi, vici (Latijn = ik kwam, zag en overwon) is een uitdrukking, ontleend aan een Grieksch spreekwoord, dat Julius Caesar na zijn overwinning op Pharnakes bij Zela zou gebruikt hebben.

Venizelos (Weniselos), Eleutherios K., een Grieksch staatsman, geboren omstreeks 1860 op Kreta, studeerde te Athene, vestigde zich als advocaat te Kanea en nam sedert 1887 deel aan de anti-Turksche staatkunde. Al spoedig met Fumis leider van een partij geworden, werd hij den 10aen Mei 1899 benoemd tot minister van Justitie, maar moest in Augustus 1901 zijn ontslag nemen. In 1905 organiseerde hij met Fumis en Manos den opstand van Therison, terwijl hij in 1910 voorzitter van het drieledig Uitvoerend Comité op Kreta werd. Als gevolg van de Grieksche verkiezingen van den 218ten Augustus 1910 en van de daarmede verbonden voorvallen, legde hij den 9aen September zijn waardigheid neder, vestigde zich te Athene en vormde daar den 19den October een nieuw ministerie. Daar hem de toenmalige Nationale Vergabering geen waarborgen bood, dat hij zijn plannen zou kunnen doorvoeren, ontbond hij haar den 25sten October daaropvolgende.

Venkel is een specerijgewas uit de familie der Umbelliferae, dat zaden voortbrengt, welke bij vleeschspijzen dienen, of als toekruid bij groenten, die in het zuur worden ingemaakt, zooals augurken, kleine uien, bloemkool etc. gebruikt worden. Het wordt omstreeks Augustus gezaaid. Het volgende jaar brengt het dan zaden voort.

Venlo, ook wel Venloo, een gemeente in de provincie Limburg, 2660 H. A. groot met 17 685 inwoners, wordt begrend ten N. door het dorp Velden met zijn gehucht Schandelen (Gemeente Areen en Velden), ten N. O. door de Pruisische gemeente Straelen, het dorp Heronyen met het gehucht, Niederdorf, ten O. door de Pruisische gemeente Leuth met het kasteel Krieckenbeck en de gemeente Kaldenkirchen, ten Z. door de gemeente Tegelen en ten W. door Blerich gemeente Maasbree. De bodem bestaat voor het grootste deel uit diluviaal zand, langs de Maas wordt ook klei gevonden.

Bij de in den laatsten tijd gedane boringen naar steenkolen is het vermoeden grootendeels bevestigd, dat de bodem primitief een ondiep zeebed is geweest. De gemeente ligt op den rechter Maasoever. Bij een eventueele kanalisatie der Maas is deze ligging voor handelsverkeer en industrie zeer gunstig, en ook thans is dit het geval, door haar centraal spoorwegnet, waardoor men spoorwegverbindingen heeft met België via Maastricht, met Rotterdam via Helmond, met Utrecht, Amsterdam enz. via 's Bosch of Nijmegen en met het Noorden van ons land via Nijmegen; verder met de Duitsche Rijnsteden Keulen, Düsseldorf via Krefeld of Gladbach en de handelsstad Hamburg via Wezel. Verder is er een stoomtramweg naar Tegelen en Steyl in welke laatste plaats het missiehuis der Paters van het H. Hart is gevestigd met eene bevolking, incluis studenten-missionarissen, van ± 1 000 personen. Voorts is in aanleg een stoomtramweg naar Helden-kanaal over Maasbree en zal spoedig de verbinding Venlo—Nijmegen rechter Maasoever volgen. Men vindt er voorts twee stoombootondernemingen Venlo—Rotterdam ter¬

wijl er tevens een Duitsche post-agentuur is gevestigd. Het wonen is er zeer gezond, terwijl de omgeving vele aangename afwisselende wandelingen biedt; vooral de boschrijke circa 28 M. hooge bergweg langs de Pruisische grens is rijk aan natuurschoon.

Tot de voornaamste gebouwen behoort het stadhuis in Hollandschen renaissancestijl met twee torens, gebouwd van 1597—1599 en oorspronkelijk gediend hebbende voor raadhuis en tevens voor tijdelijk verblijf van de aartshertogen Albert en Isabella, welke het bouwen ook ondersteund hebben. Dit gebouw bevat een sierlijke raadzaal met kostbaar goudleer behang uit de 17de eeuw. Voorts treft men er eenige schilderijen o. a. van den Venlonaar Gollz(ius) vader van den beroemden numismatikus Hübert Goltzius. De R. K. St. Martinus kerk heeft een sierlijke doopvont van geel koper, in 1621 gegoten; een zeer te waaxdeeren kruisigingsgroep, levensgrootte van den Venloschen beeldhouwer G. Schisoler (1619) en een sierlijk gebeeldhouwden preekstoel (1733—1755), in Venlo vervaardigd. Verder vele schilderijen, w. o. van den bekenden Venlonaar Jan van Cleef (1646—1716). De groote klok op den toren is door Jan Venlo in 1468 gegoten. Men %indt er drie kerkelijke gemeenten, n.1. de Roomsch-Katholieke met twee parochiën, drie kerken, onderscheiden kapellen en het R. K. retraitehuis Manusa, bestuurd door de Paters Jezuïeten; de Protestantsche met twee kerken, elk met een predikant, en de Israëlietische met een synagoge. De plaats bezit een gasthuis, door R. K. kloosterzusters bediend, en een militair hospitaal. Er liggen cavalerie en infanterie in garnizoen.

Venlo bezit verder een progymnasium (katholieke onderwijsinrichting), een R. H. Burgerschool met 3 j. cursus, 3 Bijzondere R. K. jongensscholen, waarvan een voor m. u. 1. o., twee openbare scholen, waarvan een voor m. u. L o., drie bijzondere R. K. meisjesscholen met bewaarscholen, een publieke ambachtsschool, een burgeravondschool met teekeninstitnut en handelscursus en een Rijksnormaalschool. Ook is er een onderwijsinrichting Collegium Albertinum, meer speciaal voor Duitschers, waar gymnasiaal onderwijs wordt gegeven door Paters Dominicanen en zijn er twee kostscholen voor meisjes, n.1. een bij de Zusters Ursulinen en een bij de Zusters Maria Helferin.

In de gemeente en naaste omgeving vindt men stoommeelmolens, steen- en pannenfabrieken, fabrieken van buizen en andere kleiwaren, tabaksen sigarenfabrieken, een fabriek van electrische lampen, een gasgloeilichtkousjesfabriek, timmerfabrieken. gipsbeelden fabrieken, glasetserijen, bierbrouwerijen, water- en windgraanmolens, een scheepstimmerwerf, zeepziederijen, steenhouwerijen enz. De Staatsspoorweg heeft er een constructiewerkplaats en eene electrische centrale voor verlichting van hare gebouwen en terreinen.

De gemeente exploiteert een gasfabriek, waterleiding en telefoon. Tevens is er een gemeentespaarbank en arbeidsbeurs.

Venlo wordt in een oorkonde van 1170 het eerst als Venla vermeld. In 1343 ontving het van Reinout II, hertog van Gelder, stedelijke rechten. De stad heeft in de geschiedenis herhaaldelijk een rol gespeeld, in 1372 werd zij door Arnold van Hoorn en Adolf van Kleef veroverd, in 1459 door Arnold

Sluiten