Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den de Unietroepen van Cuba teruggeroepen.

Door deze handelingen werd de Unie feitelijk aan haar vroegere grondbeginselen ontrouw en plaatste zij zich in de rij der groote mogendheden, die in alle internationale kwesties invloed trachten uit te oefenen. Terwijl de heerschende partij deze zwenking met vreugde begroette, deed zich tegelijkertijd een tegenovergestelde strooming meer en meer voelen, vooral daar de Philippijnsche opstandelingen, die voor hun onafhankelijkheid gestreden hadden, zich met geweld tegen de Amerikaansche heerschappij verzetten en eerst na een langdurigen strijd tot onderwerping gebracht konden worden. Door de presidentsverkiezing van 1900 zegevierde de buitenlandsche staatkunde van Mac Kinley, die door de republikeinen krachtig ondersteund werd; de reformpartij, die de gematigde houding van den president tegenover de geldaristocratie en de trusts afkeurde, werd gewonnen, doordat Roosevelt, die als voorstander van een eerlijk bestuur en als tegenstander van de trusts bekend was, tot candidaat voor het ambt van vicepresident werd geproclameerd. Daardoor behaalde Mac Kinley een gemakkelijke overwinning op Bryan, die weder door de democraten tot candidaat gekozen was. Onverwachts kwam er verandering in den toestand, doordat Mac Kinley den 14den September 1901 door een anarchist werd doodgeschoten. Zijn opvolger Roosevelt zette zijn buitenlandsche staatkunde met kracht voort, zoodat de invloed van de Vereenigde Staten in internationale verwikkelingen steeds toenam. Hij zette door, dat de Unie den verderen bouw van het Panamakanaal overnam en bevorderde het tot stand komen van de onafhankelijke republiek Panama onder bescherming van de Unie. Bij de verkiezingen in 1904 bleek, dat zijn staatkunde buitengewone instemming vond, zoodat hij met groote meerderheid werd herkozen. In de binnenlandsche politiek trachtte hij de macht van de geldaristocratie te beperken, waardoor een hevige strijd met het Congres ontstond, die de laatste periode van zijn tweede presidentschap zeer onrustig maakte. Met Japan sloot de Urlie een verdrag, waarbij de belangen van beide landen in den Grooten Oceaan geregeld werden. Ook met Argentinië kwam een arbitrageverdrag tot stand, terwijl het zenden van oorlogsschepen naar Venezuela (zie aldaar) het conflict tusschen dat land en Nederland eerder tot een einde bracht.

Bij de nieuwe verkiezingen behaalde Taft, gesteund door Roosevelt, die een nieuwe herkiezing tot president had geweigerd, de overwinning op Bryan. Tajt, tot dusver minister van oorlog, aanvaardde den 4den Maart 1909 het bewind. Zij, die van hem een voortzetting van de binnenlandsche staatkunde van Roosevelt hadden verwacht, werden teleurgesteld. Het door hem benoemde ministerie bestond voor het grootste deel uit tegenstanders van de reformpolitiek van Roosevelt en uit voorstanders van de trusts. Doordat zijn bestuur minder autocratisch is, dan dat van Roosevelt, treedt het Congres en inzonderheid de Senaat weer meer op den voorgrond. In 1909 werd de nieuwe tariefwet van Payne aangenomen. Deze wet is in hoofdzaak een verscherping van de vroegere beschermende wetten. Wel werden sommige produkten geheel of gedeeltelijk ontlast, de belastingen van het meerendeel werden echter verhoogd,

Deze wet brengt eigenlijk een dubbel tarief; een minimaal tarief wordt van de meeste waren betaald, daarenboven betalen staten, die door de Unie niet bevoorrecht worden, het zoogenaamde maximaaltarief, d. i het minimaaltarief verhoogd met 25%. Ook andere bepalingen bemoeilijken den invoer uit vreemde landen. De wet wekte in het binnen- zoowel als in het buitenland groote ontevredenheid. Reeds tijdens de behandeling ontstond een splitsing onder de republikeinen; van de hevigste conservatieve protectionisten, die vooral in het oosten gevestigd zijn, zonderden zich de zoogenaamde insurgenten, die in de handelspolitiek meer tot de democraten naderen, af. De laatsten bestreden de wet in plaats van de democraten, die een weifelende houding aannamen. Een reden tot bestrijding van de tariefwet was de vrees voor tarievenoorlogen, inzonderheid met Frankrijk, dat door de verhoogde rechten op weeldeartikelen nadeel ondervond, en Canada. De trusts ondervonden van Taft weinig bestrijding. Wat de buitenlandsche staatkunde betreft, ondersteunde de Unie in 1909 den opstand van generaal Juan Estrada in Nicaragua, in de hoop haar invloed in MiddelAmerika te versterken; zij moest echter in den aanvang van 1910 tengevolge van de tusschenkomst van Mexico haar hulp intrekken, doch bereikte toch in zooverre haar doel, dat Estrada in Juli 1910 voorloopig tot president werd gekozen. Daardoor en door de gelukkig gevoerde politiek in de republiek Panama ontving de vrees van de Middel-Amerikaansche republieken voor een oppervoogdij van de Unie nieuw voedsel. In Oost-Azië tracht de Unie haar invloed vooral te versterken door veel Amerikaansch kapitaal in Chineesche ondernemingen te steken. Zij streeft overigens naar een vriendschappelijke houding met China en verdedigt het stelsel van de „vrije deur" tegenover de monopolisatiezucht van andere mogendheden ten opzichte van sommige deelen van China. In 1910 deed zij aan de mogendheden den voorslag de spoorwegen in Mandsjoerije aan China te brengen door de Russische en Japansche aanspraken af te koopen. Dit voorstel werd echter zoowel door Rusland, als door Japan beslist afgewezen, waardoor de minder goede verhouding tusschen de Vereenigde Staten en Japan verergerd werd. De houding van Engeland, verhinderde, dat de Unie deze kwestie tot een internationale maakte. In Juli 1910 sloten Rusland en Japan een verdrag ten opzichte van de Mandsjoerijsche spoorwegen. Bij de verkiezingen voor het Huis der Afgevaardigden in 1910 behaalden de democraten de overwinning. Ook werd in genoemd jaar besloten de laatste territoriën in het eigenlijke gebied der Vereenigde Staten, Arizona en NieuwMexico, onder de staten opgenomen. In 1911 bemoeide zich de Unie met den langdurigen burgeroorlog in Mexico en noopte president Diaz het gezag neer te leggen, om daardoor den strijd te doen eindigen. In dit jaar verwekte het voorstel van een algemeen arbitrageverdrag tusschen de Unie en Groot-Brittannië groote vreugde onder de voorstanders van den wereldvrede.

Vereenigingen van den handeldrijvenden en van dm industriëelen middenstand, Bond van, ook genaamd de Middenstandsbond, heeft ten doel in federatieve samenwerking de zedelijke en stoffelijke belangen van den handeldrijvenden en van

Sluiten