Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

km. lengte wordt het van hier verder naar de fabriekstad Verviers geleid.

Vesicantia of Vesicatoria zijn de Latijnsche namen voor blaartrekkende middelen (zie aldaar).

Vesnic, Milenko R., een Senisch staatsman, geboren den 258ten Februari 1863 te Doenesici in Oud-Servië, studeerde te Belgrado München, Leipzig, Parijs in Londen en de rechten, werd in 1890 attaché in het Servische ministerie van Buitenlandsche Zaken en in 1891 gezantschapssecretaris te Konstantinopel. In 1891 benoemd tot buitengewoon en in 1893 tot gewoon hoogleeraar in het volkenrecht aan de hoogeschool te Belgrado, was hij van 1893—1894 minister van Onderwijs en Eeredienst. In 1900 werd hij gezant te Rome, in 1904 te Parijs, in 1906 minister van Justitie en in 1907 opnieuw gezant te Parijs. Daar tussclien in was hij lid en voorzitter van de Skoeptsjina. Hij schreef o. a.: „Die Blutrache bei den Südslawen" (Stuttgart, 1889) en „Le droit international dans les rapports des slaves méridionaux au moyen &ge" (Parijs, 1896).

Vesoul, de hoofdstad van het Fransche departement Haute Saóne, gelegen aan den Durgeon en aan het snijpunt van den spoorweg Parijs—Bazel en den Oosterspoorweg, bezit een fraaie kerk, een gedenkteeken van de gevallenen bij Belfort in den oorlog van 1870—1871, een lyceum, een kweekschool van onderwijzers en onderwijzeressen, een openbare boekerij (26000 dln.,) een schouwburg en een museum. Het is de zetel van een prefect, van een gerechtshof en van een filiaal der Fransche Bank en telt (1906) 10057 (als gemeente 10 163) inwoners, welke zich met wijnbouw, het vervaardigen van vijlen, gereedschappen en meubels, koekbakkerij en handel bezighouden.

Vespasianns, Titus Flavius, een Romeinsch keizer, geboren in het jaar 9 n. Chr. op een landgoed bij Reate, werd, nadat hij zich herhaaldelijk in het leger had onderscheiden en in 51 consul was geweest, in 66 door Nero benoemd tot opperbevelhebber in den Joodschen Oorlog, welken hij van 67—69 met zooveel succes voerde, dat in den zomer van 69 het geheele land, met uitzondering van de hoofdstad Jeruzalem, onderworpen was. Nadat Nero was ten val gebracht, werd hij den l8ten Juli 69

door ae legioenen in Egypte, den 3denJuliookdoor zijn eigen legioenen tot keizer

uitgeroepen, waarbij zich de legioenen in Syrië onder Mucianus en spoedig daarop ook die aan de Donau voegden. Nu liet Vespasianus de belegering van Jeruzalem over

aan zijn zoon Titus en begaf zich eerst naar Egypte, met de bedoeling om over zee naar Italië te reizen, terwijl Mucianus het leger over land daarheen zou brengen, na zich onderweg met de Donaulegioenen te hebben vereenigd. Doch voordat één van beiden zijn bestemming bereikte, had Antonius Primus aan het hoofd der legioenen uit Pannonië en Moesië

Antieke buste van Vespasianus.

de aanhangers van Vitellius, den toemaligen keizer bij Cremona geslagen en Rome veroverd, waarbij Vitellius zelf om het leven kwam, zoodat Vespasianus Rome, tot zoolang door Musianus bestuurd, voor zich geopend vond. Ook als keizer behield hij dezelfde eenvoudigheid en versmading van uitwendigen glans, waardoor hij zich te voren onderscheiden had, terwijl hij zich steeds beijverde, door bevordering van de krijgstucht in het leger, door behoud van den vrede en door verbetering van het bestuur, vooral van de geldelijke aangelegenheden, de wonden te heelen, welke de burgeroorlog aan het rijk had toegebracht. Hij voerde geen oorlogen, behalve die, welke zijn voorgangers hem in Brittannië, tegen de Bataven onder Cimlis en tegen de Sarmaten hadden nagelaten. In weerwil van zijn spaarzaamheid, bezorgde hij grooten luister aan het tijdperk zijner regeering door het stichten van aanzienlijke gebouwen, vooral door het weder opbouwen van het Capitool, door den bouw van den Tempel des Vredes, die in 75 voltooid werd, en van het Amphitheatrum Flavium, later het Colosseum genoemd. Hij overleed den 23sten Juni 79. Napels bezit een karakteristiek borstbeeld van hem.

Vesper (Latijn = avond) wordt in de R. Katholieke Kerk gebezigd ter aanduiding van de avondgodsdienstoefeningen. Daar in de stiftskerken en kloosters de vespers van 4 uur in den namiddag af gehouden werden, noemde men in lateren tijd ook de namiddaggodsdienstoefeningen vesper, en het klokgelui, dat voor dezen dienst ter kerk riep, vesperklok. Vandaar in het burgerlijk leven voor den laten namiddag de naam vespertijd en voor een kleinen maaltijd, vallende in dien tijd, vesperbrood.

Vesper, Siciliaansche. Zie Sicilimnsche Vesper.

Vespucci, Amerigo, een Italiaansch zeevaarder, naar wien Amerika genoemd is, geboren den 9aeB Maart 1451 te Florence, werd door zijn oom, Antonio Vespucci onderwezen en ging in 1490 als koopman naar Spanje, waar hij te Sevilla deel uitmaakte van een Italiaansch handelshuis. Daar dit voor de uitrusting van de 2de en 3de reis van Columbus zorg droeg, leerde hij dezen kennen en vatte het plan op, om zelf naar het nieuw ontdekte werelddeel te gaan. Hij nam in 1499 aan de expeditie van admiraal Hojeda naar Suriname deel, keerde in het volgende jaar naar Spanje terug en begaf zich van daar naar Portugal. Op Portugeesche schepen deed hij van 1501— 1502 onder Cabral en van 1503—1504 onder Coelho nog twee reizen naar Amerika, waarop hij vooral de Braziliaansche kust verkende. Op aandringen vap Columbus trad hij in 1505 weder in Spaanschen dienst, werd in 1508 benoemd tot opperstuurman der Indische vaart en verkreeg de Spaansche burgerrechten. Het voorstel om de Nieuwe Wereld naar hem te noemen werd in 1507 gedaan door den Duitschen boekdrukker Martin Waldseemüller, die een beschrijving van de reizen van Vespucci in het druk gelezen werk „Cosmographiae introductio" uitgaf. Hij overleed den 228ten Februari 1512 te Sevilla.

Vesta is de met de Grieksclie Hestia in naam en wezen overeenkomende Italiaansche godin van den huiselijken haard, die bovendien nog een bijzonderen staatseeredienst had. Aan den voet van den Palatijnschen heuvel, naar de zijde van het Forum, stond de kleine, ronde tempel van Vesta, waarin geen beeld van de godin voorkwam, maar de staats-

Sluiten