Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mische theorie op, waarop de natuurkleurendruk berust. Hij overleed den 17den December 1898 te Charlottenburg. Hij schreef: „Lehrbuch der Photographie" (1867—1870, druk, als „Handbuch" 6 dln., 1890—1899), „Praktische Spektralanalyse irdischer Stofie" (1877), „Die chemischen Wirkungen des Lichts und die Photographie" (1875), „Vom Indischen Ozean bis zum Goldland" (1878), „Lichtbilder nach der Natur" (1879), „Aus der neuen Hexenküche, Skizze des Spiritistentreibens" (1880), „Die Photographie farbiger Gegenstande in den richtigen Tonverhaltnissen" (1885) en „Das photografische Pigmentverfahren" (15dc druk, 905). Sedert 1864 gaf hij de „Photographische Mitteilungen" uit.

Vogel, Jean Henri Theodoor de, een Nederlandsch letterkundige, geboren te Harderwijk den 19den Maart 1839, studeerde te Leiden en te Genève in de theologie, was eenigen tijd hulpprediker bij de Waalsche gemeente te Leiden en werd in 1867 leeraar aan de hoogere burgerschool te Zierikzee, in 1868 aan die te Zwolle en in 1875 aan die te Rotterdam, waar hij den 29Bten Juni 1875 overleed. Behalve bijdragen in tijdschriften leverde hij: „Overzicht van de aardrijkskunde der geschiedenis tot op den tijd der Fransche Revolutie" (1869), „Drie verhalen uit flo TUirlflplppnwpii" C18711. en ..De staatkundige

richting van Réné d' Anjou in overeenstemming met

die van zijn stamhuis tot aan aen siag van nuigucviiie, 1408—1431" (1874), waarop hij den graad van Hnpfnr in <1 p lpt.fprpn verkreeg. Ook maakte hij een

aanvang met een omgewerkten derden dmk der

„Wereldgeschiedenis van necKtr, waai van mj o«v.+or olpplito pnkplp afleveringen bewerkte.

Voeel, Hermann Karl, een Duitsch sterren-

.. ° , T • J O/tor, »„„'1 1Q/I1

kundige, geDoren te i^eipzig uen o— apu j, bezocht de polytechnische school te Dresden en cfiiHppwip vprvnlffpTis He T.einzkr in de wis-, natuur-

un tj+PM-oïiL-iiïiftp Tn 1 werd hn ïronlaatst als

assistent aan de sterrenwacht te Leipzig en bekleedde

er later de DetreKKing van tweeuen ouseivauui lui 1870, toen hij tot directeur van de sterrenwacht van den kamerheer Von Bvdow te Botlikamp bij Kiel benoemd werd. In 1874 werd hij observator oan lipt nipnwp nhsprvatorinm te Potsdam, in 1882

,t;i r Mn (1 pvc i t irip m ti11 !r 11'ii werd in 1892 lid

van de Academie te Berlijn. Hij overleed te Pots-

^i i -t r\r\n tr

dam den löaen Augustus i3u<. van zijn wcircu noemen wij: „Beobachtungen und Positionsbe-

stimmungen von ïNeoeinecKen unu owjrmiauxcn (1 ar» 1«7K\ "Rothkamner Beobachtuneen'

(2 dln., 1872—1873), „Untersuchungen über das Spektrum der Planeten" (1874 en 1895), „Der c V Pprcpi" C1R7R1 Sternsnektraltafel"

kJl/CXIl-UWUXV/ U.*- «A. vmv* 11 -1-

(1888) en „Über den neuen Stern in Fuhrmann (1893). Verder schreef hij een aantal belangrijke artikelen, inzonderheid in de „Publikationen des astrophysikalischen Observatoriums zu Potsdam," waarvan hij 18 deelen, benevens 4 deelen van de Ptirtt-nwranliiiaplip TTimmelskarte" uitaaf (1878

1907). Verder bezorgde hij den derden druk van de

„Populare Astronomie van jy ewcomu-c^ty^nuinn,. Vogel, Eduard, een Duitsch reiziger in het Afri-

kaansche binnenland, een Droeder van uen vouirmando ffphnrpii clpii ^dfin M"1829 te Crefeld

studeerde te Leipzig en te Berlijn in de wis- en na-

• 1 • 10C1 l „ „ «ln O i-fic

tuurlmnde en zag zien in ioü± gepioausu «u omum i-'in aan de sterrenwacht te Londen. Hier

werd hem in 1853 door de Engelsche regeering het

aanbod gedaan, in plaats van den overleden Richardstm, als sterrenkundige deel te nemen aan de expeditie, welke onder Barih en Overweg MiddenAfrika onderzocht. In Januari 1854 bereikte hij het Tsaadmeer, bepaalde zijn ligging, alsmede de hoogte der woestijn, trok verder tot aan den 9den graad noorderbreedte, doorzocht de landen ten westen van gemeld meer, trof den l8ten December 1854 Barth in de nabijheid van Zinder aan, begaf zich vervolgens naar Jacoba, waar vóór hem geen Europeaan was geweest, en poogde ook in Adamaoea door te dringen, maar moest aan den oever der Binoeë wegens de vijandelijke houding der Negerstammen den terugweg aannemen, zoodat hij zich in December 1855 naar Wadai begaf. Latere onderzoekingen hebben uitgemaakt, dat hij Wara, de oude hoofdstad van Wadai, bereikt heeft, waar hij, waarschijnlijk den 8Bten Februari 1856, op bevel van den sultan werd vermoord. Munzinger, Beurmann, Rolilfs en Nachligal hebben nasporiiigen omtrent hem gedaan. Brieven en berichten van Vogel zijn opgenomen in Petermanris „Mitteilungen".

Vogel, August, een Duitsch schrijver over opvoedkunde, geboren den 3del1 Februari 1842 teGreifswald, studeerde aldaar en te Tübingen in de godgeleerdheid en de taalkunde, was daarna achtereenvolgens leeraar aan de middelbare scholen te Greifswald, Wittstock, Hildesheim en Spandau en is sedert 1873 directeur van de hoogere burgerschool te Potsdam. Hij schreef: „Philosophisches Repetitorium" (4de druk, 1898), „Methodik des gesamten deutschen Unterrichts" (1874), „Geschichte der Padagogik" (1881), „Systematische Enzyklopadie der Padagogik" (1881), „Systematische Darstellung oder ^Padagogik Pestalozzis' (2d& druk, 1893), „Herbart der Pestalozzi? (2de druk, 1893), „Padagogisches Repertorium" (1892), „Die philosophischen Grondlagen der wissenschaftlichen Systeme der Padagogik" (3de druk, 1903), „Altklassischer Dichterhain" (2de druk, 1903), „Die höchsten Fragen, beleuchtet von den gröszten Denkern der Neuzeit" (1896), „Ueberblick über die Geschichte der Philosophie" (2 dln., 1904—1905), „Ausführliches grammatiscli-orthografisches Nachschlagebuch der deutschen Sprache" (1908) en „Die padagogischen Sünden unsrer Zeit" (1907).

Vogel, Hugo, en Duitsch schilder, geboren den 15den Februari 1855 te Maagdenburg, genoot te Düsseldorf zijn opleiding onder Gebhardt en Sohn, studeerde te Parijs onder Lefebure en deed daarna eenige reizen door Italië, Spanje en Nederland. Na enkele studiekoppen en genrestukken in den geest van Gebhardl te hebben geschilderd, begon hij met zijn „Luther predikt gedurende zijn gevangenschap op den Wartburg uit zijn Bijbelvertaling" met het historische genre. Daarop volgden o. a.: „De Groote Keurvorst ontvangt Fransche réfugiés te Potsdam den 10den November 1685" en „Hertog Ernst de Belijder gebruikt voor het eerst het Avondmaal in beide vormen te Celle in 1530". Verder voerde hij in het Stendenhuis te Marburg wandbeschilderingen, ontleend aan de Middeleeuwsche Saksische geschiedenis uit (1897—1900), terwijl hij in de feestzaal van het stadhuis te Hamburg vijf reusachtige beschilderingen uitvoerde, voorstellende de tijdvakken der beschaving op Hamburgs bodem. Zijn ■ voornaamste stukken in olieverf zijn: „Na den doop ; (1890), „Avondrust", „Mis in de ,Mariamaand m de

Sluiten