Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van den vrede. In vroegeren tijd sloot men wel eens een wapenstilstand voor een reeks van jaren; wij noemen bijv. het Twaalfjarig Bestand.

Wapiti (Cervus Canadensis Briss) is de naam van een met het Edelhert verwant N. Amerikaansch hert. Het is het grootste van alle herten en heeft, in volwassen toestand, een lengte van 2 m. en een hoogte van 1,5. m. Zijn gewei is zwaarder dan van het edelhert; het bereikt wel eens een lengte van 1,5 m., heeft soms 20 takken en wordt 26 kg. zwaar. Behalve in dierentuinen wordt het in Europa ook in vrije wildbanen gehouden en gekruist met het Edelhert.

Wappaus, Johann Eduard, een Duitsch statisticus en aardrijkskundige, geboren te Hamburg den 17dcn Mi'i 1812, studeerde te Göttingen en te Berlijn. en ondernam van 1833—1834 een reis naar de Kaap-Verdische Eilanden en Brazilië. In 1838 vestigde hij zich als privaatdocent te Göttingen ,waar hij in 1845 buitengewoon en in 1854 gewoon hoogleeraar werd. Hij schreef: „Untersuchungen über die geographischen Entdeckungen der Portugiesen unter Heinrich dem Seefahrer" (l8te dl., 1842), „Die Republiken von Südamerika" (l8te gedeelte; Venezuela 1843), „Deutsche Auswanderung und Kolonisation" (2 dln., 1846—1848), „Allgemeine Bevölkerungsstatistik" (2 dln., 1859—1861), en standaardwerk op dat gebied en „Über den Begriff und die statistische Bedeutung der mittlern Lebensdauer" (1859). Verder voerde hij van af 1847 de redactie van den 7den druk van het „Handbuch der Geographie und Statistik" van Stein en Harschel-

mann, waarin hi] zeil cle „Ailgememe Geographie" (1849), „Nordamerika" (1855), „Mittel- und Südamerika" (1858—1867) en „Brasilien" (1871) bewerkte. Een aantal van zijn verhandelingen publiceerde hij in de „Göttingsche Gelehrten Anzeigen", waarvan hij van 1848—1863 en van 1874—1879 redacteur was. Verder gaf hij „Karl Ritters Briefwechsel mit J. F. L. Hausmann" (1879) uit. Hij overleed den 16den December 1879 te Göttingen.Zijn voorlezingen over statistiek publiceerde Gandil als „Einleitung in das Studium der Statistik" (1881).

Wappers, Gustave Egide Charles, Baron, een Belgisch schilder van historische tafereelen, tevens etser, werd geboren te Antwerpen den 23eten Augustus 1803 en overleed te Parijs den 6aen December 1874. Hij was een leerling van Mattheus lgnatius van Bree en bestudeerde de 17de eeuwsche Vlaamsche en Hollandsche school en te Parijs de Venetianen. In 1830 maakte hij naam met een schilderij, dat hij inzond op de Antwerpsche tentoonstelling, „De Leidsche Burgemeester Van der Werf, die der uitgehongerde burgerij zijn lichaam tot voeding aanbiedt", dat zich thans in het museum Kunstliefde te Utrecht bevindt. Van dien tijd af dagteekent zijn invloed op zijn jongere kunstbroeders. Het aantal zijner leerlingen groeide voortdurend. Wappers is ook conservator van het museum te Antwerpen geweest. Schilderijen van zijn hand bevinden zich hier te lande behalve te Utrecht ook in het Rijksmuseum en in het Stedelijk Museum te Amsterdam.

Warager of Varinger was de naam, waarmede men in Rusland en te Konstantinopel de Noormannen bestempelde.

Warangerfjord. Zie Varangerfjord.

Warasdin (Magyaarsch Varasd) een comitaat in Kroatië-Slavonië, grenst aan Stiermarken en aan

de comitaten Zala, Belovar-Kreutz en Agram en telt op een oppervlakte van 2454 v. km. (1901) 267 929 inwoners. Afgezien van het Matzelgebergte in het W. en van het Warasdinergebergte (Ivanscica, 1060 m.) in het binnenland, is het comitaat, dat door de Drau bevloeid wordt, vlak. De voornaamste voortbrengselen zijn graan, tabak, wijn en ooft. Het is rijk aan wild en visch, levert zwavel en heeft verschillende warme bronnen. De zetel van het comitaat is Warasdin.

Warasdin, de hoofdstad van het gelijknamige comitaat, in de nabijheid van de Drau aan de spoorwegen Agram—Csakathum en Warasdin—Golubovec gelegen, is de zetel van een gerechtshof, heeft 9 R. Katholieke kerken, een domkapittel, onderscheidene kloosters, een gymnasium, een hoogere burgerschool en een handelsschool, wijn-, tabak-, azijn-, spiritus- en aardewerkfabrieken, zijdespinnerijen en een stoeterij. De plaats, welke een levendigen handel drijft, telt (1901) 12 930 inwoners.

Warbeck, Perkin, een Engelsche kroonpretendent, waarschijnlijk in 1474 te Tournai geboren, begaf zich na een avontuurlijke jeugd, in 1492 naar Ierland, waar hij zich uitgaf voor den in den Tower vermoorden hertog Richard van York, den zoon van Eduard IV. Op uitnoodiging van Karei VIII begaf hij zich naar Frankrijk. Hendrik VII van Engeland wist echter zijn verbanning te bewerken, waarop hij een toevlucht vond in de Nederlanden bij de zuster van Eduard IV, Margaretha, die hem als haar neef erkende. Ondersteund door keizer Maximiliaan, deed hij in 1495 vergeefsche pogingen om in Kent en Ierland te landen. Daarop begaf hij zich naar Schotland, waar men hem erkende. In 1497 landde hii in CornwaU. nam den naam va,n Ri¬

chard III aan een verzamelde een leger van 6 000 man. Maar zijn aanval op Exeter mislukte, zoodat hij een wijkplaats moest zoeken in het klooster Beaulieu. Nadat hij zich den 5den October had moeten gevangen geven, eindigde hij den 23sten November 1499 zijn leven op het schavot.

Warburg-, Emil, een Duitsch natuurkundige, geboren den 9"" Maart 1846 te Altona, vestigde zich in 1870 als privaatdocent te Berlijn, werd in 1872 buitengewoon hoogleeraar te Straatsburg en in 1876 te Freiburg in Breisgau en werd in 1895 benoemd tot gewoon hoogleeraar te Berlijn, waar hij in 1905 optrad als directeur van de „Physikalischtechnische Reichsanstalt." Hij hield zich bezig met onderzoekingen over geluid, warmte en electriciteit. Behalve verschillende oDstellen in de ..Anna¬

len der Physik und Chemie", publiceerde hij o. a. „Über einige Wirkungen der Koerzitivkraft" (1880) „Über die Electrolyse des festen Glases" (1884), „Über die elektrolytische Leitung des Bergkristalls" (met Tegetmeier, 1888), „Lelirbuch der Experimentalphysik" (90e druk, 1906), „Verhalten sogenanter unpolarisierbarer Elektroden gegen Wecliselstrom'" (1896), „Über die Warmeeinheit" (1900) en „Über die kinetische Theorie der Gase" (1901).

Warburg1, Karl, een Zweedsch geschiedkundige, geboren in 1852, werd in 1876 leeraar te Upsala, in 1878 bibliothecaris te Gotenburg en in 1890 hoogleeraar in de schoonheidsleer, letterkunde- en kunstgeschiedenis aldaar. Hij schreef: „Det svenska lustspelet under frihetstiden" (1876) en een aantal levensbeschrijvingen, zooals: „Olof Dalin" (1884), „Molière" (1884), „Holberg i Sverige" (1884), „An-

Sluiten