Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook de vangst van schildpad en tripang. Ten Z. van de Wandamenbaai heeft zich een kolonie van den stam der Waropen gevestigd.

Warren, Samuel, een Engelsch romanschrijver, geboren den 23sten Mei 1807 te Racre in Denbighshire (Wal?s), studeerde in de rechten, werd in 1837 barrister, in 1851 Queen's counsel en was van 1854—1874 syndicus van Huil. Van 1866—1869 vertegenwoordigde hij Midhurst in het Parlement en in 1859 werd hij benoemd tot Mas ter of lunacy. Op letterkundig gebied maakte hij zich het eerst bekend door de romans in „Blackwoods Magazine", later in vele herdrukken verschenen: „Passages from the diary of a late physician" (2 dln., 1832) en „Ten thousand a year" (3 dln., 1841). Van zijn andere, thans zoo goed als vergeten werken, noemen wij: „Now and then" (1847), „The lily and the bee" (1861), geschreven ter inwijding van het Cristal Palace en het tegen de R. Katholieke Kerk gerichte vlugschrift: „The Queen or the Pope" (1861). Van zijn rechtsgeleerde werken vermelden wij: „Popular and practical introduction to lawstudies" (1836 en later) en „Blackstone commentaries, systematically abridged" (1855 en later). Een bloemlezing uit kleinere geschriften verscheen als: „Miscellanies, eritical, imaginative and juridical" (6 dln., 1854— 1865). Hij overleed den 29Bten Juli 1877 te Londen.

Warren, Sijbrandus Johannes, een Nederlandsch taalkundige, geboren in 1847 te Dokkum, studeerde te Leiden in de letteren en promoveerde in 1875 aldaar op een dissertatie „Over de godsdienstige en wijsgeerige begrippen der Jaina's." Van 1872 —1879 was hij eerst leeraar, vervolgens conrector aan het gymnasium te Zwolle, van 1879—1896 was hij rector van het gymnasium te Dordrecht en werd in laatstgenoemd jaar rector van het Erasmiaansnh gymnasium te Rotterdam. In 1900 werd hij benoemd tot lid van de koninklijke academie van wetenschappen. Hij overleed den 2den Januari 1910. Hij hield zich vooral bezig met studiën over het Sanskriet en de Prakriettalen, de vergelijkende fabelleer enz. Van zijn werken noemen wij: „NirayavaKyasuttam" (1879), „Heilige fabels" (in de „Gids", 1893), „Hongaarsche volkspoëzie" (in de „Gids", 1891), „Bloemlezing uit Plato" (1885 en 1901) en „Bloemlezing uit Plutarchus" (1895), Ook schreef hij een aantal artikelen inden „Spectator" en in het „Museum."

Warren de la Rae. Zie De la Rue, Warren.

Warrington, een stad en graafschap in het N. W. van Engeland, gelegen aan de Mersey, waarover een fraaie brug uit 1496, en halverwege tusschen Liverpool en Manchester, heeft een fraaie kerk, een museum, een Latijnsche school, een kweekschool voor onderwijzeressen en een belangrijke nijverheid, welke machines, vijlen, ijzer-en staalwaren, draad, katoenen stoffen, leder en zeep vervaardigt. De plaats, welke vroeger deel uitmaakte van het graafschap Lancaster, telt (1901) 64 242 inwoners.

Warschau, een voormalig groothertogdom, na den Vrede van Tilsit (1807) gevormd uit deelen van Polen, welke, met uitzondering van Bialystok, dat aan Rusland verviel, door Pruisen moesten worden afgestaan, besloeg aanvankelijk een oppervlakte van 102 000 v. km., telde 2200 000 inwoners en werd in 6 departementen verdeeld. Bij den Vrede van Weenen (1809) werden Nieuw-Galicië en Krakau, welke Oostenrijk moest afstaan, er bijgevoegd,

zoodat het hertogdom op 154 000 v. km. 3 780 400 zielen telde en toen in 9 departementen verdeeld was. Napoleon 1 benoemde Frederik Augustus, koning van Saksen, tot hertog, doch deze moest reeds in het begin van 1813, na de vernietiging van het Fransche leger in Rusland, afstand van de kroon doen.

Warschau, een Russisch-Poolsch gouvernement, grenst in hetN. aan de gouvernementen Plozk en Lomsha, in het O. aan Sjedlez, in het Z. aan Radom en Petrokow en in het W. aan Kalisch en de Pruisische provincie W.-Pruisen en telt op een oppervlakte van 17 520 v. km. (1897) 1 931 867 inwoners, waarvan ruim 73% Polen. Van de inwoners zijn 72% R Katholiek en ruim 16% Joden. De^ bodem is er meerendeels vlak, in het algemeen 'zeer vruchtbaar. De voornaamste rivier is er de Weichsel, die van het Z. O. naar het N. W. door het geheele gouvernement stroomt en vervolgens de N. lijke grenzen vormt naar de zijde van Plozk; zijn belangrijkste zijrivieren zijn de Bzoera en Piliza en BoegNarew. 61% van de bodemoppervlakte is in gebruik bij den landbouw, 17% bij de veeteelt, terwijl 16% met bosch bedekt, is. De voornaamste landbouwproducten zijn: aardappels,rogge,haver,tarwe,gerst, erwten en suikerbieten. De veestapel bestond in 1904 uit 360 000 fijn- en 100 000 grofwollige schapen, 206 000 paarden, 445 000 runderen en 224 000 varkens. Vooral de schapenteelt is van veel belang. De nijverheid is sterk ontwikkeld. In 1900 waren er, buiten de stad Warschau, 1933 bedrijven met 30 684 arbeiders. Het gouvernement is verdeeld in 14 distrikten: de hoofdstad is Warschau.

Warschau, (Poolsch Warszawa, Russisch Warsjaioa), de hoofdstad van het gelijknamige Russisch-Poolsche gouvernement, ligt in den vorm van een halve maan op den linker oever van den Weichsel. Daartegenover, op den rechter Weichseloever, ligt de voorstad Praga. Beide deelen zijn door 2 ijzeren bruggen verbonden, waarvan de Alexanderbrug (608 m.) voor het personenverkeer bestemd is, terwijl de andere de stations verbindt. Met oen breeden boog loopt het eigenlijke Warschau langs den linker oever. In het N. en N. W. liggen de Oudstad, de Nieuwstad en de Jodenwijk, terwijl in het Z. en Z. W. de elegantere stadsgedeelten worden gevonden. In het W. ligt de voorstad Wola. Tot de voornaamste pleinen behooren het Slotplein (Zamkowyplein) me teen gedenk teeken voor Siegmund III, ' het Saksische (Plein Place Saski), het Groene Plein (Plac Zielony), met een gedenkteeken voor de in 1830 gesneuvelde trouw gebleven generaals, het Schouwburgplein met een fontein enz. Van de ongeveer 200 straten moet in de eerste plaats de Krakauer Voorstad genoemd worden. Vanaf het Slotplein loopt zij Z. waarts en gaat over in de Nowy Swiat (Nieuwe Wereld) en de Oejazdowsik Allee, die, omzoomd door fraaie villa's, naar de keizerlijke sloten Lazienki en Belvedère voert. Een tweede groote verkeersweg leidt van het Slotplein W.waarts door de Senatorska, over het Schouwburg- en Bankplein, door de Elektoralna en de Chlodna tot aan de poort van Wola. Ten Z. daarvan noemen wij nog de Marschalkowska, welke langs het Weener-Station leidt en waarin de voornaamste handelszaken zijn gevestigd, benevens de Jeruzalemsche Allee. In het N. zijn de Dloega en de Freta belangrijke verkeerswegen.

Sluiten