Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een hospitaal, kerk en groote zaal, waarin zich twee schilderstukken van P. Krafft bevinden voorspel- zie Wen van de veldslagen bij Aspern en bij Leipz^, na het tuighuis, dat een oppervlakte beslaat \an óó sp H. A.'met geschutgieterijen, smederijen geweer- in fabrieken, een vestibule met de standbeelden van St Oostenrijksche veldheeren en een zaal voor verover- hc de veldteekers, het Grand Hotel, in 18(1 voltooid, sp met fraaie, weelderig ingerichte zalen en logeerka- ge mers en een met glas gedekt binnenplein het HÖtel \V Métropole aan de Franz-Josephskade, het Ho„el df ImperM aan den Karntner Ring (vroeger het; paleis k< van den hertog vonWürttemberg), het Hotel Meiszl I \\ und Schaden, het Stiftungshaus aan den Schotte- e< ring, in plaats van het in 1881 afgebrande Ringthe- d: ater op last van Frans Jozef I gebouwd, met ver- li kooplokaal van Haas und Söhne, de Heinrichshof, el de gebouwen van de verzekeringsmaatschappijen n Azienda, Equitable en New-York, het gebouw van y de postspaarbank (1907), dat van de consulaire aca- tl demie (1903), dat van de kamer van Handel en n Nijverheid (1907), het oude en het nieuwe militair d geografisch instituut, de nieuwe kazernes en het v nieuwe gemeentehuis in het 21»"> distrikt. e

Nijverheid, Handel en Verkeer.\\ Weenen is de eerste nijverheidsstad van Oostenrijk- !• Hongarije. In 1902 trof men er 55 313 fabrieken 1 aan, waarin 358 879 personen werkzaam waren. 1 De belangrijkste takken van nijverheid zijn: het : vervaardigen van machines, locomotieven, waggons, ' rijwielen, verschillende werktuigen, optische, clu- . mrgische en mathematische instrumenten, piano s, i blaasinstrumenten, ijzermateriaal, brandkasten, ijzeren meubels, geëmailleerde goederen lampen, bronzen en tinnen voorwerpen, Chineesch zilver, goud- en zilverwaren, juwelierswerk, terracotta s, parfumerieën, soda, verf, lak, vernis, zijden stoffen, lint wollen goederen, meubelstoffen, tapijten, katoenen en wollen stoffen, linnengoed, parapluies, kleeren, kunstbloemen, handschoenen, lederwaren,

meubels, bier enz.

Ook voor den handel is Weenen het middelpunt van Oostenrijk-Hongarije. In 1906 werden er op de centrale veemarkt te St. Marx aangevoerd 225 295 runderen, 207 483 kalveren, 63 692 lammeren, 84 993 schapen en 702 514 varkens. Er werd verbruiksbelasting betaald van 16 288 031 kg. vleesch,5 430 308 stuks gevogelte, 527 898 hazen, 2 619168 k^. visch, 666 338 H. L. wijn, 2 566 659 H. L. bier en 67 800 H. L. brandewijn. Met de spoorwegen werden 1 806 108 tonnen steenkool aangevoerd. De voornaamste inrichtingen, waardoor handel en nijver-1 heid worden bevorderd zijn: de effecten- en de goederenbeurs, de beurs voor landbouwprodukten, het stadsmagaziju in het Prater, de magazijnen van de eerste Oostenrijksche maatschappij voor magazijnen, de centrale veemarkt te St. Marx met abattoir, de groote markthal, 6 detailmarkthallen, eenige open markten, de centrale vischmarkt aan het Donaukanaal en talrijke bank- en credietinstellinsren. In 1905 waren er te Weenen 19 banken met een ingeschreven aandeelenkapitaal van 532,2 millioen kronen en een pandbrievenomzet van 932,2 mdlioen kronen. Naast de Eerste Oostenrijksche spaarbank, bezit Weenen nog de Nieuwe Weener spaarbank, viif gemeente-spaarbanken, de postspaarbank en 100 voorschotvereenigingen.'Verder zijn er een aantal banken van leening en verzekeringsmaatschappijen.

Het Oostenrijksche spoorwegwezen concentreert h te Weenen, dat met zijn 7 spoorwegstations ar alle richtingen spoorwegen uitzendt. De oudste jorweg is de Keizer-Ferdinands-Noorderhjn, die

1836" tot stand kwam en sedert 1907 door den aat wordt geëxploiteerd. De overige lijnen beoren tot: den Oostenrijksch-Hongaarschen staatsoorweg, den Zuider spoorweg, de Staatsspoorwe-

u denOostenrijkschenNoord-Westspoorweg,den eèner-Pottendorf-Weener-Neustadterspoorweg en

n Weenen-Aspangerspoorweg. Voor het locaal verier diende in de eerste plaats de in 1899 geopende 'eener stedelijke stoomtramlijn, die thans door n electrische tram is vervangen. De lengte beraagt 36,2 km.; in 1906 werden daarmee 31,1 miljen° personen vervoerd. Verder vindt men er een ectrische stadstram van 189,3 km. lengte, waariee in 1906 199,4 millioen personen werden verDerd, en eenige kleinere electrische lijnen en stoom•amlijnen. Een belangrijke verkeersweg voor W eeen vormt de Donau, vooral sedert van 1868—lttöi e stroom is genormaliseerd. Het Donaukanaal •ordt door sluizen tegen overstrooming beschermd n is in een handelshaven veranderd; langs de oeer« vindt men kademuren. Tusschen het Donauanaal en de Donau is een winterhaven aangelegd, n 1906 kwamen aan de Weener stations van de )on au scheepvaartmaatschappij 93 044 personen ian, terwijl er 116 429 vertrokken. Er werden Ö9102 ton goederen aangevoerd, 198155 tonalge;onden en 279 762 ton doorgevoerd. In 1906^ beitonden er 120 postkantoren, die 136,4 millioen irieven 77,88 millioen briefkaarten, 18,91 millioen couranten, 27,11 millioen stuks andere drukwerken, 2,48 millioen monsters zonder waarde 1,02 miUioen langeteekende brieven met een waarde van 1 11 t, <o millioen kronen, 5,31 millioen aangeteekende zendingen zonder opgegeven waarde, 0,39 millioen rembourszendingen en 58,03 millioen postquitan-

ties ontvingen. Met de pneumatische post werden

7 97 millioen zendingen vervoerd. Bij de telegraafkantoren kwamen 2 632 446 telegrammen aan en werden er 2 748 213 verzonden en 7 431620 doorgezonden. Weenen bezat in 190617 centrale telefoonstations, 77 spreekcellen en 24 372 abonne s, tusschen welke 88,41 millioen gesprekken werden

S°00nd'e rw ijs en Beschaving stoestand.

Weenen bezit een groot aantal inrichtingen van onderwijs. Onder deze moet de eerste rang worden toegekend aan de universiteit, in 1365 door Rudolf IV gesticht, met 4 faculteiten. In 1905—1906 telde zii 619 docenten en 8107 toehoorders. Zij is rijk voorzien van alle hulpmiddelen van hooger onderwijs, daartoe behooren: een bibliotheek van 360 000 deelen, een sterrenwacht, een botanische tuin enz. Andere wetenschappelijke inrichtingen met den rang van hoogescholen zijn: de evangehsch-theologische faculteit, de technische hoogeschool met een algemeene afdeeling en 4 vakscholen, de hoogeschool voor bodemcultuur met afdeelingen voor landbouw, boschbouw en technische cultuur, de academie van beeldende kunst en de Israèüetisch-theologische school. Van de scholen van hooger en middelbaar onderwijs vermelden wij: 18 gymnasia, 18 hoogere burgerscholen, 15hoogere meisjesscholen waaronder een gymnasium voor meisjes, 3 kweekscholen voor onderwijzers en 10 voor onderwijzeressen. Verder

Sluiten