Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ving hij tot schadeloosstelling in 1803 o.a. de keurvorstelijke waardigheid, welke hij onder den naam van Willem I aanvaardde. Daar hij zich in 1806 bij Pruisen aansloot,werd zijn land na den slag bij Jena door de Franschen bezet,Willem zelf nam den lsten November de wijk naar Holstein. Toen hij bij den Vrede van Tilsit vervallen werd verklaard van den troon, terwijl men zijn lai.den bij het koninkrijk Westfalen voegde, begaf hij zich naar Praag. Vanhier uit deed hij in 1809 een vergeefsche poging om zijn land weder te veroveren. Eerst den 21Bten November 1813 deed hij zijn intocht weder in de hoofdstad. Alsof gedurende den tijd van zijn afwezigheid niets was veranderd, herstelde hij de voormalige misbruiken, verdreef alle vreemdelingen, tiërceerde de staatsschuld en nam alle staatsdomeinen zonder schadeloosstelling weder in bezit. Een toegezegde grondwet bleef achterwege, omdat de Stenden bij hun wensch bleven volharden naar een scheiding van de staatskas van zijn eigen middelen. In plaats daarvan voerde hij den 4den Maart 1817 een Huis- en Staatswet in. Hij overleed den 27sten Februari 1821.

Willem II, keurvorst van Hessen, een zoon van den voorgaande, geboren den 18den Juli 1777, studeerde te Marburg en te Leipzig en trad den 14den Februari 1797 in het huwelijk met prinses Augusta, een dochter van Koning Frederik Willem II van Pruisen. In 1806 volgde hij zijn vader naar Holstein en Praag en vertrok in 1809 naar Berlijn. In 1813 streed hij bij Leipzig in de Pniisische gelederen. Hij riep den 30sten October te Kassei de Hessen op tot den strijd tegen Frankrijk en aanvaardde in Maart 1814 het opperbevel over de troepen. Toen hij in 1821 den troon beklom, voerde hij verschillende hervormingen, door den tijd geboden, in. De hoop op een grondwet bleef echter onvervuld. Een verwijdering tusschen hem en zijn gemalin, wier zijde ook door zijn zoon en vele leden van den adel gekozen werd, ontstond toen hij zijn minnares, Emilie OrUopji uit Berlijn, in 1821 tot gravin von Reichenbach (later tot gravin von Lessonitz) verhief. Ten gevolge van den opstand van den 6den September 1830, gaf WiUem den 15den van die maand zijn toestemming tot een vergadering der Stenden en reeds den 6de» Januari 1831 werd de nieuwe constitutie afgekondigd. Wegens onlusten over den terugkeer van de gravin von Lessonitz, welke men gedwongen had om naar elders te trekken, verplaatste de keurvorst zijn residentie naar Hanau en belastte den 30Bten September 1831 den keurprins met het regentschap. Na dien tijd woonde hij bij afwisseling in en bij Hanau (te Philippsruhe), in Baden en vooral te Frankfort a. d. Main. Hij overleed te Frankfort den 20"etl November 1847.

Willem, Frederik Ernst, graaf zu LippeSchaumburg-Bückeburg, geboren te Londen den 9den Januari 1724, studeerde te Leiden en te Montpellier en nam dienst bij de koninklijke lijfwacht in Engeland. Na den dood van zijn ouderen broeder erfgraaf geworden, keerde hij terug naar Bückeburg, vergezelde zijn vader, destijds generaal in Nederlandschen dienst, op den veldtocht tegen Frankrijk, waarbij hij zich in den slag bij Dettingen (27 Juni 1743) onderscheidde, en nam als vrijwilliger in het keizerlijk leger deel aan den veldtocht van 1746 in Italië. In 1748 aanvaardde hij de regeering. Bij het uitbarsten van den Zevenjarigen Oorlog

XVI

voegde hij zich met een uitstekend geoefend contingent bij het leger der Geallieerden, werd benoemd tot generaal-veldtuigmeester en in 1759 tot opperbevelhebber over de geheele artillerie van het vereenigde leger. Na den aanval van Frankrijk en Spanje op Portugal (1761), werd hij belast met het opperbevel der vereenigde Engelsche en Portugeesche troepen. Hij stichtte in Portugal een militaireen een artillerieschool en bouwde de vesting bij Elvas, door den koning te zijner eere fort Lippe genaamd. In zijn graafschap bevorderde hij landbouw en nijverheid, o. a. door de opheffing van vele heerendiensten. Ook hier stichtte hij een krijgsschool voor artillerie en genie, welke zeer bekend werd, en bouwde ten behoeve daarvan de kleine vesting Wilhelmstein. In 1767 bracht hij nogmaals een bezoek aan Portugal, om er de organisatie van het leger te voltooien. Hij overleed den 10den September 1777.

Willem IV, hertog van Beieren, een zoon van Albrecht IV, geboren den 13den November 1493, regeerde aanvankelijk onder voogdij en sedert 1511 zelfstandig, zij het gedurende eenigen tijd gemeenschappelijk met zijn broeder Lodewijk. Hij vereenigde de deelen van Beieren weder onder één bestuur, omhelsde in 1524, in ruil voor het verkrijgen van de souvereiniteit over de bisschoppen in Beieren en van de opbrengst van kerkelijke goederen, de zaak van de oude Kerk en werd één van de ijverigste tegenstanders der Hervorming. Aan de zijde van Karei V nam hij deel aan den Schmalkaldischen Oorlog; hij slaagde er echter niet in om de waardigheid van keurvorst van de Pfalz te verkrijgen. Hij overleed den 6den Maart 1550.

Willem, Lodewijk August, markgraaf van Baden, geboren den 88ten April 1792 te Karlsruhe, droeg tot 1817 den naam van graaf von Hochberg, trad in 1805 in krijgsdienst, nam als majoor in het hoofdkwartier van Masséna deel aan den oorlog van 1809 en voerde in 1812 in Rusland het bevel over de Badensche brigade. Gedurende den Volkerenslag van Leipzig voerde hij het bevel over deze stad. Hij capituleerde den 19den October, maar weigerde om zich met de Verbondenen te vereenigen. In 1814 bestuurde hij met 10 000 man de blokkades van Straatsburg, Landau, Pfalzburg, Lichtenberg, Lützelstein en Bitsch. Op het Congres te Weenen verdedigde hij de belangen van het Badensche vorstenhuis, terwijl hij bij het weder uitbreken van den oorlog tegen Frankrijk de blokkades van Schlettstadt en Neubreisach, alsmede de belegering van Hüningen leidde. Den 4den October 1817 werden de titels van groothertogelijk prins en markgraaf van Baden hem toegekend. In 1819 werd hij voorzitter van de Eerste Kamer en in 1826 opperbevelhebber van het Badensche leger. De volksbewegingen van 1848 noopten hem, het opperbevel over het leger neder te leggen; later legde hij ook de betrekking van voorzitter der Eerste Kamer neder. Hij overleed den llden October 1859. Zijn „Denkwürdigkeiten" werden uitgegeven door Obser (dl. 1, 1906).

Willem, Lodewijk August, prins van Baden, geboren den 18den December 1829, trad in 1849 als eerste-luitenant in Pruisischen dienst en nam in 1863 ontslag als generaal-majoor, waarna hij in het huwelijk trad met Maria von Leuchtenburg. In 1866 werd hij belast met het opperbeveloverde Badensche divisie in het achtste Bondskorps; door zijn groote

11

Sluiten