Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

prikkelbaarheid van den gewonde. Zuivere, door scherpe werktuigen voortgebrachte gesneden wonden doen veel minder pijn dan gescheurde of gekneusde wonden. De bloeding is afhankelijk van de grootte en van de hoeveelheid der gekwetste bloedvaten en is grooter bij gesneden dan bij gekneusde wonden. De ontstekirg, op de verwondirg volgende, openbaart zich in een vermeerderden toevoer van bloed naar het gewonde dee], waardoor het rood wordt, in zijn zwelling en zijn pij lijkheid en de verhoogde temperatuur. Die ontstekingen zijn altijd het gevolg van het binnendringen van mikro-organismen, hetzij met het verwondend instrument, hetzij later. Alle vormen en graden van ontstekingen kunnen zich voordoen, van af de lichtste tot de necrotische, de dyphteritische (de hospitaalbrand), waaraan vóór de antiseptische behandeling zoovele gewonden in de veldhospitalen stierven. Een wondinfectie kan tot ettering leiden en öf lokaal blijven, èf zich uitbreiden langs de lymphe- of bloedbanen en door pyaemie of septicaemie (zie aldaar) doodelijk worden. Tot de wondinfectie behoort ook de wondroos(Erysipelas, zie aldaar) en deTfitoits(zie aldaar).

De genezing eener wonde kan op twee wijzen geschieden, namelijk door een snelle samenvoeging van de randen der wond (reunio per priinam intentionem), zoodat die randen terstond samengroeien bij het afscheiden van een albumineus-lymphatische vloeistof, — of door reunio per secundaminteniwnem, waarbij in de wond zich vleeschwratjes vormen (granulatie), die allengs met een opperhuid worden bedekt. Enkelvoudige gesneden wonden met zuivere oppervlakten genezen het gemakkelijkst, maar een wonde herstelt des te moeilijker naarmate de kneuzing grooter is. Wonden, welke zich uitstrekken tot in de lichaamsholten, zijn wegens de ophooping van vloeistoffen, de kwetsing der ingewanden enz. gevaarlijk, en gewrichtswonden desgelijks. Wonden in klierachtige deelen en beenwonden genezen niet gemakkelijk.Bij jonge, gezondepersonen is de genezing voorspoediger dan bij oude, syphilitische en klierachtige menschen. Een wond is des te gevaarlijker, naarmate het gewonde deel belangrijker en de verwonding zwaarder is. Maar vooral wordt de genezing ook beheerscht door de waag, of een wonde al of niet geïnfecteerd is en zoo ja, of het nog gelukt haar te desinfecteeren. Dat laatste hangt vooral van den vorm der wonde en van hare omgeving af en zal bijv. niet gemakkelijk gelukken bij een wonde, die het kniegewricht heeft geïnfecteerd. Behalve dus hechting van verscheurde weefsels (darmnaad, peeshechting enz), nauwkeurige stilling der bloeding ( door compressie of zoo noodig door het dichtbinden der gewonde bloedvaten) is zorgvuldige desinfectie van even groot gewicht, waarna de wondranden aan elkaar kunnen worden genaaid, als men genezing per primam intentionem mag verwachten. Bij grootere of diepe wonden, die daarvoor ongeschikt zijn, legt men draineerbuisjes aan om de wondsecreten naar buiten te leiden of vult ze op met jodoformgaas, dat ze opzuigt. (Zie verder Antisepsis, Ontsteking, Infectie).

Wondbehandeling-. Zie Wond.

Wonder, Pieter Christoffel, een Hollandsch sehilder van genre-stukken, allegorische en mythologische tafreelen en portretten, werd geboren te Utrecht in 1780 en overleed te Amsterdam den 12ien Juli 1852. Hij ontving zijn opleiding aan de acade¬

mie te Düsseldorf. Wonder en J. B. Kóbell werden in 1807 benoemd tot directeuren van de toen opgerichte teekenschool te Utrecht. Van 1823—1831 woonde hij te Londen. Na zijn dood, in 1863, verscheen (1853) te Utrecht een door hem samengestelde alphabetische lijst van oude Hollandsche schilders. Werken van zijn hand bevinden zich hier te lande o. a. in de musea te Rotterdam, Amsterdam en Utrecht.

Wonderboom. Zie Ricinus.

Wonderen of Mirakelen zijn volgens de bepali. g van de scholastieken, die ook door de orthodoxe Prot"stanten overgenomen werd, gebeurtenissen, die in strijd zijn met den loop der dingen, daarin een verandering terweegbrengen en dientengevolge toegeschreven moeten worden aan een ingrijpen van een boven den loop der dingen staande godheid. Deze soort wonderen noemt men absoluut. Verder spreekt men van relatieve wonderen, dat zijn zulke, die uit de natuurwetten, voor zoo ver zij bekend zijn, niet verklaard kunnen worden. Voor de antieke wereldbeschouwing was de mogelijkheid van een onmiddellijk ingrijpen van de godheid in de wereldorde iets, dat van zelf sprak, tengevolge waarvan in de geheele Oudheid het geloof aan de veelvuldigste soorten van wonderen zeer algemeen w;as. Zoo beschouwden de Israëlieten hun eigen geschiedenis als een wonder. De oudste Christelijke kerk meende zelf in het bezit van bovennar tuurlijke wonderkrachten te zijn. Het oudere Protestantisme beperkte het gebied van de wonderen tot de Bijbelsche geschiedenis. Als tegenstanders van de wondertheorie traden Spinoza, op wijsgeerigen grond, het Engelsche deïsme en Hume, gedeeltelijk ook op historische gronden, op. Daarentegen nam de theologische apologetica sedert het midden van de vorige eeuw de moeilijke taak van de verdediging van het wonder, zoowel op historisch, als op wijsgeerig gebied, op zich. De moderne theologie houdt daarentegen aan de gedachte van de onveranderlijkheid van de natuurwetten vast, die volgens haar een voorwaarde is voor de ontwikkeling van alle wetenschappen.

Wonderolie. Zie Ricinus.

Wondinfectie. Zie Infectie en Wond.

Wondinfectieziekte. Zie Wondziekten.

Wondklaver. Zie Klaver.

Wondkoorts. Zie Wondziekten.

Wondkruid. Zie Anthyllis.

Wondziekten of Wondinfectieziekten zijn ziekteverschijnselen, die ontstaan, doordat een wonde met etterveroorzakende microben (streptococcen en staphylococcen) geïnfecteerd wordt. Deze coccen zonderen een septisch produkt af, dat, wanneer het in het lichaam wordt opgenomen, koorts en in sommige gevallen verschijnselen van bloedvergiftiging doet ontstaan. In de eerste plaats bewerken zij plaatselijke ontstekingen, er ontstaan opzwellingen (oedeem) of bij het voortschrijden van het proces etterinfiltraties, die tot vernietiging van de weefsels kunnen leiden. Verder geraken de ettervormende bacteriën en de door hen afgezonderde produkten door de lymphevaten en den bloedsomloop in het lichaam, waardoor een algemeene infectie of pyaemie (zie aldaar) ontstaat. Deze infectieziekte is de vroeger zoo veel voorkomende wondkoorts. In andere gevallen ontstaat door de infectie wel koorts, doch zijn de verschijnselen

Sluiten