Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

drijf slechts konden uitoefenen, als zij de beschikking over bouwgrond hadden, hebben tot die prijsstijging van den grond het hunne bijgedragen. De grond werd zoodoende eveneens een voorwerp van speculatie, waarvan de toekomstige winsten reeds te voren werden gedisconteerd. Uit de handen der oorspronkelijke eigenaars kochten de grondspeculanten den grond, als zij meenden, dat de stad zich binnen niet al te langen tijd in deze richting zou uitbreiden. Uit de handen van deze speculanten kochten menigmaal andere speculanten den "rond weder op. Ook hier hebben de gemeentebesturen dikwijls ingegrepen en grond in de nabijheid der bebouwde kom gekocht, om wat de stadsuitbreiding, den stratenaanleg en de bouwwijze betreft, vrijer hand te hebben. Men kan evenwel niet zeggen, dat deze aankoopen er toe geleid hebben de prijsvermeerdering van den bouwgrond tegen te gaan.

Zoowel de prijsvermeerdering van den grond als de hoogere eischen, aan den bouw gesteld, maken het tegenwoordig in menige stad moeilijk arbeiderswoningen te bouwen, waarvan de huren overeenkomen met de financieele draagkracht der werklieden. De eigenbouw verminderde en thans heerscht in menige stad, zoowel ten onzent als in den vreemde woningnood, die nog verhoogd wordt door de op zichzelf prijzenswaardige sluiting en opruiming van krotwoningen. DeNederlandsche gemeentebesturen hebben bij de Woningwet (Wet van 22 Juni 1901 S. 158)de bevoegdheidgekregen woningen onbewoonbaar te verklaren, die door de gezondheidscommissiën als zoodanig zijn aangewezen. Om toezicht uit te oefenen op de bestaande woningen hebben vele gemeenten bureau's van woningtoezicht ingesteld, die door hunne inspecteurs of opzichters te waken hebben dat wet en bouwverordeningen worden nageleefd. Tot de taak dezer bureau's behoort meestal ook het toezicht op den bouw en verbouw. In vele steden van Duitschland hebben de gemeenten in den trant der arbeidsbeurzen woningbeurzen ingesteld, waar de eigenaar eene leegstaande woning beneden een bepaalden huurprijs, hetzij kosteloos, hetzij tegen een kleine vergoeding kan laten inschrijven, en waar de woningzoekende naar leegstaande woningen kan informeeren. In het belang der volkshuisvesting heeft de bovengenoemde wet ook eene speciale onteigening mogelijk gemaakt (Art. 26), als de woningtoestanden zoo zijn, dat de woningen niet voor afdoende verbetering vatbaar zijn.

Al de genoemde maatregelen zijn zulke, die het aantal beschikbare woningen verminderen. Maar bij een steeds vermeerderende bevolking zijn ook opbouwende maatregelen noodig. De Woningwet geeft daarom de bevoegdheid aan den gemeenteraad om aan vereenigingen, vennootschappen en stichtingen, uitsluitend in het belang van verbetering der volkshuisvesting werkzaam, voorschotten en bijdragen te verleenen, terwijl uit 's Rijks kas aan deze gemeenten wederom voorschotten en bijdragen kunnen worden verleend. Ook aan de gemeenten, die den woningbouw zelf ter hand nemen, kunnen zulke voorschotten en bijdragen van Rijkswege worden toegestaan (Art. 30—34). Hoewel van deze bepalingen reeds in menige stad is gebruik gemaakt, is daardoor het gevaar voor woningnood allerminst uit den weg geruimd. De blijvende moeilijkheid bestaat daarin, dat de bewoners van slechte en afgekeurde woningen, die gewoon

waren lage huren te betalen, dikwijls niet in staat zijn veel meer voor hunne woning uit te geven. Wanneer de bouw van arbeiderswoningen door particulieren als bedrijf ophoudt, is dit meestal een bewijs, dat het vrije bedrijf niet in staat is onder de tegenwoordige omstandigheden woningen te bouwen, waarvan de huurpenningen een billijke vergoeding voor rente en amortisatie van den bouw toelaten. Die toestand kan eerst veranderen 1° als de toekomstige huurders hoogere huurprijzen kunnen betalen, 2° als de prijs van den bouwgrond aanmerkelijk lager wordt, 3° als de bouwkosten door verbeteringen in de bouwtechniek aanmerkelijk dalen. Treedt niet een van die voorwaarden op, dan zal de gemeente als vertegenwoordigster van de gemeenschap zedelijk gedwongen zijn zelf den bouw van woningen ter hand te nemen, wetende dat de gemaakte kosten niet door de huuropbrengst worden gedekt. Levert de grondprijs het grootste bezwaar op, dan zal getracht moeten worden goedkoopen grond op een zekeren afstand van de groote stad voor bouwterrein te koopen en dit terrein door eene electrische tram met de stad te verbinden. Wellicht kunnen in de naaste toekomst ook verbeteringen in de bouwtechniek eene gevoelige verlaging van de bouwkosten medebrengen. Al de geschetste moeilijkheden maken in den tegenwoordigen tijd zeer dikwijls een onderwerp van bespreking in onze gemeenteraden uit.

Woningwet, Zie Woningvraagstuk.

Wonosobo, een afdeeling van de residentie Kedoe op Java, bestaat uit de distrikten Wonosobo, Garoeng, Leksono, Sapoeran, Broeno en Kaliwiro. De hoofdplaats Wonosobo telt (1905) 6 475 i iwoners en wel 74 Europeanen, 5 534 inlanders, 837 Chineezen, 24 Arabieren en 6 andere Vreemde Oosterlingen.

Wönsan (Gensan, Chineesch Yuensan), een havenplaats op de O. kust van Korea, gelegen aan een diepen inham van de Broughtonbaai, werd in 1880 voor den Japanschen en in 1882 voor den vreemden handel in het algemeen geopend. Het heeft regelmatig stoombootverkeer met Naga,saki, Wladiwostok, Foesan, Chemoelpo en Shanghai, bezit een school en een ziekenhuis en telt 15 000 Koreaansche inwoners, benevens een aantal vreemdelingen, waaronder bijna 5 000 Japanners, die den geheelen handel in handen hebben. Ingevoerd worden: katoenen en zijden stoffen, thee enz.; uitgevoerd: pelswerk, vellen, tabak, visch, gele boonen enz. Wönsan neemt in het handelsverkeer van Korea den derden rang in; de haven is voor stoomschepen steeds toegankelijk.

Wonseradeel, een gemeente in de provincie Friesland, 15 503 H. A. groot met (1910) 12 901 inwoners, wordt begrensd door de Zuiderzee en door de gemeenten Barradeel, Franekeradeel, Hennaarderadeel, Bolsward, Wymbritseradeel en Workum. Tot de gemeente behooren het Makkumer Meer, het Parregaster Meer en een gedeelte van het Workumer Meer. De bodem bestaat uit klei. Veeteelt en landbouw zijn de voornaamste middelen van bestaan, verder wordt er visscherij, scheepvaart en eenige nijverheid uitgeoefend. Tot Wonseradeel behooren 29 dorpen, n. 1. Arum, Allingawier, Burgwerd, Ivornwerd, Dedgum, Engwier, Exmorra, Ferwoude, Gaast, Greonterp, Ilartwerd, Hichtum, Hieslum, Idsegahuizum, Kimswerd, Lollum, Lon-

Sluiten