Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pij, verschenen nog van hem: „Mr. J. R. Thorbecke, eene bibliographie" (1875), en „Waarom een standbeeld?" (1886), geschreven naar aanleiding van de onthulling van het standbeeld van Hugo de Groot, te Delft. Hij overleed den 14den Januari 1896 te 's-Gravenhage.

Wfjnne, Johan Adam, een Nederlandsch geschiedkundige, geboren te Hoogeveen den 4den December 1822, promoveerde te Groningen in de letteren, was aldaar achtervolgens 3de en 2de praeceptor en rector aan het gymnasium en werd in 1873 benoemd tot hoogleeraar te Utrecht. Van zijn werken noemen wij: „Geschiedenis"(1872), „Geschiedenis van de Nederlanden" (1873), „De moeielijkheid van het opsporen der historische waarheid" (inwijdingsrede, 1873), „Geschiedenis der Oudheid", „Négotiations du comte d' Avaux, ambassadeur extraordinaire a la cour de Suède", „De geschillen over de afdanking van 't krijgsvolk in de Vereenigde Nederlanden in de jaren 1649 en 1660" (1885), „De Utrechtsche hoogeschool in vorige eeuwen" (Rectorale rede, 1886), „Resolutiën, genomen bij de vroedschap van Utrecht betreffende de Illustre school en de Akademie van de jaren 1632—1693" (Werken van het Historisch genootschap, n°. 61, 1889), „Binnenlandsche geschiedenis van Frankrijk gedurende de middeleeuwen. Grondtrekken, bronnen, latere geschriften" (1893), „Eenige opmerkingen over W. Iline, Römische Geschichte" (1895), „De historie van Marcius Coriolanus, Spurius Cassius Vecellinus en Spurius Maelius" (1896). Hij overleed te Utrecht den l8ten Augustus 1899.

Wijnpalm is de naam van verschillende palmsoorten, die palmwijn (zie aldaar) leveren. Hiertoe behooren in de eerste plaats de borassus (zie aldaar) en de mauritiapalm (zie aldaar).

Wijnruit. Zie Ruitachtige planten.

Wijnsteen {Tartarus), kaliumbitartaraat (C4H,OaK), komt in vele vruchten- en plantensappen, vooral in druivensap voor, waaruit hij zich bij de gisting en vooral bij het op het vat liggen van den wijn als een korst aan den wand der vaten afscheidt. Deze ruwe wijnsteen is grijs of rood, al naar hij zich uit witten of rooden wijn heeft afgescheiden. Hij bevat wijnsteenzuur calcium, kleurstof, gist enz. en wordt door oplossen, klaren der oplossing en door kristallisatie gezuiverd ('Tartarus depuratus, Cremor tartan). Het zuivere zout vormt kleurlooze, kleine kristallen, smaakt zuur, lost op in water, maar niet in alkohol. De oplossing reageert zuur en schimmelt licht, waarbij de wijnsteen wordt omgezet in koolzure kalk. Bij inwendig gebruik wordt hij omgezet in koolzure kalk. Bij voortgezet gebruik werkt hij pisdrijvend, vermindert den eetlust en veroorzaakt vermagering; zeer groote hoeveelheden werken vergiftig. Men gebruikt hem als zacht purgeermiddel, als bestanddeel van tandpoeder, in de wolververij, tot het bereiden van bijtmiddelen, bij het vertinnen, bij het bereiden van zuiver koolzuur kalium en wijnsteenzuurpraeparaten enz.

Ten onrechte geeft men den naam van wijnsteen aan den tand- of kalksteen (zie Tanden), welke zich op het menschelijk gebit afzet.

Wijnsteenzuur, dioxycarbonzuur of dioxyaethyleenbarnsteenzuur, vroeger ook wijnzuur geheeten, (C0,H. CHOH. CHOH. C0,H) is in het plantenrijk algemeen verspreid, gedeeltelijk als vrij

zuur en gedeeltelijk in den vorm van zure zouten in zure en zoete vruchten en in geringe hoeveelheid in wortels, bast, hout en bladeren. Zeer rijkelijk komt het voor in druivensap; bij het gisten scheidt het zich daaruit als wijnsteen af. Het komt voor in 4 isomeren. Gewoon of rechtsdraaiend en linksdraaiend wijnsteenzuur worden door een evei groot, maar tegengesteld draaiingsvermogen gekarakteriseerd. Deze beide vereenigen zich tot het optisch inactieve parawijnsteen- of druivenzuur, dat splitsbaar is, terwijl het vierde isomere wijnsteenzuur, meso- of antiwijnsteenzuur geheeten, eveneens inactief, maar niet splitsbaar is.

Het geivone wijnsteenzuur (Acidum tartaricum) wordt uit de neven- en afvalprodukten van de wijnbereiding, wijnsteen, wijndraf enz. verkregen. Het vormt groote, kleur- en reukelooze monokline kristallen, heeft een aangenaam zuren smaak, geeft, als het gewreven wordt, licht in het donker, lost gemakkelijk op in water, ook in alkohol, maar niet in aether, draait het polarisatievlak rechts, smelt bij temperaturen tusschen 167 en 170° C. Aan de lucht verhit, verbrandt het met een lichtgevende vlam onder ontwikkeling van een caramelreuk; droog wijnsteenzuur blijftïaan de lucht onveranderd; de oplossing echter beschimmelt. Op het lichaam werkt wijnsteenzuur op dergelijke wijze als de overige vruchtenzuren, maar de maag verdraagt het minder goed dan citroenzuur; bij aanmerkelijke hoeveelheden werkt het als vergif. Men gebruikt het tot het bereiden van limonade, punch, bruispoeder enz., alsmede tegen scheurbuik, als bijtmiddel in de Turkschrooddrukkerij, in de photografie enz.

Wijnsteenzuur vormt twee reeksen van zouten (tartaraten), welke gedeeltelijk in planten voorkomen, grootendeels kristalliseerbaar zijn en gemakkelijk dubbelzouten vormen. Het merkwaardigst van deze is het wijnsteen (zie aldaar). Neutraliseert men wijnsteen met dubbelkoolzure kali,dan verkrijgt men normaal wijnsteenzure kali,(kaliumtartaraat,Tartarus tartarisatus, C4H40,K2). Dit vormt kleurlooze prisma's, is zoutachtig bitter van smaak en dient als laxeermiddel en tot het ontzuren van wijn. Heeft de neutralisatie plaats met koolzure natron, dan verkrijgt men wijnsteenzuur kaliumnatrium (kaliumnatriumtartaraat, Seignettezout, Tarratus natronatus C4H40,KNa + 4HsO). Dit vormt groote, kleurlooze kristallen, smaakt eenigszins zout en bitter, werkt verkoelend en dient als zacht en verkoelend laxeermiddel. Bij het verdampen van een oplossing van 2 dln. borax en 6 dln. wijnsteen verkrijgt men boraxioijnsteen (Tartarus boraxatus sive solubilis, C4 H40,KB0) in den vorm van een amorfe, witte, hygroscopische, in water gemakkelijk oplosbare, sterk zure massa, welke als pisdrijvend en purgeerend middel en ook bij huidziekten voorgeschreven wordt. De braakwijnsteen (zie aldaar) is kaliumantimonyltartaraat (C4H40, (SbO) K + l/t HaO.

Het linksdraaiend of antiwijnsteenzuur komt in zijn eigenschappen geheelmethetgewone wijnsteenzuur overeen. Het wordt bereid uit druivenzuur, waarvan het natriumantimoniumzout zich bij uitkristalliseeren beneden 28° C. splitst in het rechtsen linksdraaiende wijnsteenzure zout.

Het druivenzuur (Acidum racemicum, C4H40t + H,0) komt in geringe hoeveelheden als zuur kaliumzout in wijnsteen voor en wordt bij de bereiding

Sluiten