Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ken noemen wij: „Le mouvement socialiste en Europe" (1892), „Chez les Allemands" (1895), „Ecrivains étrangers" (1896), „Nos maïtres" (1897), „Beethoven et Wagner" (1898), „Le roman contemporain & 1'étranger" (1900) en „Peintres de ja-

dis et d'aujourd'hui" (1903) „Les maïtres italiens d'autrefois", „Quelques figures de femmes aimantes et malheureuses" (1906) en „La jeunesse de Mozart." Verder vertaalde hij een aantal werken uit verschillende talen, o. a. van Tolstoi.

X.

X, de 24"te letter van ons alfabet, is het teeken voor den dubbelen klank ks, dat door ons uit het Latijn is overgenomen. De Romeinen ontleenden het aan het West-Grieksch alfabet. Het teeken een oorspronkelijke s-klank, die in het Phoenicisch alfabet tusschen de n en de o in stond, werd door de Grieken aan dit alfabet ontleend ter aanduiding van den klank ks. Terwijl het bij de Oost-Grieken zijn klank en zijn plaats behield, lieten de West-Grieken het alleen als getalteeken staan en namen voor den klank ks een nieuw teeken, de X aan, dat op de 24s,e plaats kwam. Dit teeken werd door de OostGrieken gebruikt voor de geaspireerde k, later voor ch. De x heeft in de meeste aan het Grieksch ontleende alfabets den klank ks behouden. De Germaansche talen gebruiken deze letter in het algemeen slechts in vreemde woorden; in Nederlandsche woorden komt zij bijv. niet voor. De Franschen spreken de x in vreemde woorden uit als ks, in Fransche als s. De Italianen schrijven haar alleen aan het begin van enkele vreemde woorden, overigens gebruiken zij s of ss. De Spaansche x duidt in inheemsche woorden in den regel een ch aan, doch wordt in de tegenwoordige spelling meestal door j vervangen. In sommige gevallen spreken de Spanjaarden haar als s uit, in vreemde woorden als ks. De Slavische talen kennen de x alleen in vreemde woorden; ook daar wordt zij echter meestal door ks voorgesteld. Als getalteeken beteekent de | in het Grieksch 60, de 60 000, de X beteekent in het Latijn 10. In het Latijn staat de X ook voor denarius omdat deze 10 as bevatte. In de wiskunde is x een onbekende grootheid, die gezocht moet worden. Op oude Fransche munten beteekent zij: te Amiens geslagen. In het kanonieke recht duidt zij het eerste deel van de decretalen aan, in oudere geneeskundige geschriften staat zij voor ons.

Afkortingen:

X P = (op telegrammen) expres payé = de expresse bestelling betaald.

X P = het teeken voor het Christusmonogram (zie aldaar).

Xaintrailles (Saintrailles), Jean Poton, heer van, een edelman uit Gascogne, trad reeds vroeg in de partij van cC Armagnac en werd in de laatste regeeringsjaren van Karei VI en gedurende de eerste van Karei VII met La Eire belast om in Picardië en Vermandois de Bourgondiërs te bestrijden. In 1422 werd hij bevelhebber van Guise. Ofschoon herhaaldelijk overwonnen en gevangen ge¬

nomen, stond hij toch in hooge gunst bij Karei VII, die hem in 1429 tot zijn opper-schilddrager benoemde. Aan de zijde van Jeanm $ Are nam hij deel aan het ontzet van Orléans en aan de verovering van Patay (1430). Met La Eire versloeg hij in 1435 de Engelschen onder den graaf van Arundel bij Gerberoy. In 1437 deed hij een mislukten aanslag op Rouaan en in 1440 nam hij Leuven in. Bij het beleg van Pontoise onderscheidde hij zich op schitterende wijze en in 1451 nam hij,bijgestaan AoorJeanBureau, Falaise in. Ook aan de verovering van Guyenne (1450—1453) nam hij deel. Karei VII benoemde hem tot baljuw van Bourges- en in 1454 tot maarschalk van Frankrijk. Hij overleed te Bordeaux in 1461.

Xalapa. Zie Jalapa.

Xalisco (Jalisco), een der W.lijke staten van Mexico, grenst in het W. aan den Grooten Oceaan, in het N. aan Tepic en Durango, in het O. aan Zacatecas en Guanaxuato, in het Z. aan Michoacan en Colima, en telt op een oppervlakte van 86 752 v.km. (1900) 1137 311 inwoners. Van de 480 km. lange kuststrook, welke slechts smal is en weinig ankerplaatsen (Navidad, Chamelas enz.) aanbiedt, stijgt de bodem trapsgewijze op naar den W.lijken Siërra Madre. Doorloopend tot aan de N.grens, verdeelt hij den staat in een grootere W.lijke en een kleinere O.lijke helft. O.lijk van den Siërra Madre ligt de 1200 m. hooge hoogvlakte, W.lijk een reeks van vulkanen, waaronder de Ceburoco (1860 m.) en de vulkaan van Colima (3886 m.), welke van 1895— 1903 zijn laatste, hevige eruptie-periode doormaakte. De belangrijkste rivier is de Rio Grande de Santiago; zij stroomt door het Capalameer en levert in de Jacatlanwatervallen een bron van arbeidsvermogen. Evenals de Rio de Banderas, welke ook in den Grooten Oceaan uitmondt, is zij niet bevaarbaar; beide worden voor kunstmatige bevloeiing aangewend. In het binnenland is het klimaat gematigd en gezond, maar droog; de kustlanden zijn warm en ongezond. Zij zijn bedekt met weelderige bosschen, terwijl in het binnenland groote uitgestrektheden niets dan doornachtig struikgewas dragen en alleen door kunstmatige bevloeiing bebouwbaar worden. De bevolking bestaat hoofdzakelijk uit afstammelingen van de Chichimeca. De hoofdmiddelen van bestaan zijn landbouw (maïs, tarwe, boonen, agaven, tabak enz.) en veeteelt. De mijnbouw levert zilver* en lood-, alsmede een weinig kopererts, de nijverheid beroemde pottebakkerswaren, grove wollen

Sluiten