Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

m. toe, worden uit één stuk vervaardigd, maar de grootere uit sectoren samengevoegd door ze op eene plaat van gietijzer vast te schroeven. De tanden zijn naar een zijde gekeerd en aan de rugzijde hol. Wordt er been, ivoor of hoorn mede gesneden, dan dompelt men het onderste gedeelte der zaag in water. Een handzaag vervaardigt men veelal in eens door het pletten van een stalen ring. Eindelijk vermelden wij nog de draadzaag, bestaande uit drie tot een touw in één gedraaide draden en bestemd tot het snijden van gips of van dergelijke stoffen.

Zaagmachines zijn werktuigen, die dezelfde bestemming hebben als de gewone zaag, maar door water, wind, stoom of electriciteit in beweging worden gebracht. Doorgaans onderscheidt men raamzagen of spanzagen, lintzagen en cirkelzagen. De eerste dienen o.a. tot F10- 4. het snijden van

groote boomstammen en zwaar hout tot platen en de¬

len. Daarbij wor¬

den de zaagbladen öf afzonderlijk, öf in grooteren getale in een raam geplaatst, waaraan men een horizontale of verticale, heen- enweergaande beweging mededeelt. Zulk een raam maakt gemiddeld 150 zulke bewegingen in een minuut en vereischt voor een zaag een stoomwerktuig van 4 paardenkracht, voorts voor elke volgende zaag omstreeks 6/8B,e paar-

dekracht meer. Vochtig hout kan men gemakkelijker snijden dan droog

hout. Daar het raam op dezelfde

plaats büjft, wordt de balk vooruitgeschoven en het be¬

drag dier vooruitschuiving hangt af van de gesteldheid van de zaag en van het hout. Ook gebruikt men hierbij cirkelzagen, doch daar deze niet gespannen worden, moeten zij een aanmerkelijke dikte hebben. De lintzagen hebben het voordeel van onafgebroken door te kunnen zagen en binnen zekere grenzen zelfs te kunnen kromzagen. Voorts worden nog andere soorten van zagen, zooals rotatiezagm, slingerzagen, tuimelzagen, wipzagen enz., machinaal in beweging gebracht, waarvan de fig. 3, 4 en 5 afbeeldingen geven, De cylinderzaag dient voor het uitsnijden van kromme stukken hout.

De fabrieken, waarin zoodanige machines geplaatst zijn, dragen den naam van zaagmolens. Men meent, dat deze reeds in de 14ae eeuw in Duitschland bestonden en door water werden gedreven, terwijl de

j eerste windzaagmolens tegen het einde der 16d«

coun ui uu> itinu venezen (Aaanaam). in ingeland kwamen de werklieden in verzet tegen het bouwen van zaagmolens, omdat zij daarin nadeel zagen voor

Fig. 5.

Slingerzaag.

Fig. 6.

Wip zaag.

hun bedrijf; zij werden er eerst tegen het einde der

1 iae eeuw ingevoerd, vooral de toepassing van de

stoom was dij de zaagmachines van veel belang, wijl stoomzaagmachines overal gebouwd en zelfs verplaatsbaar geconstrueerd konden worden.

In Engeland sedert 1808 ingevoerd, vonden zij spoedig overal navolging. Innieuweren tijd worden dikwijls zaag- en schaafof vijlmachines met

elkander verbonden (fig. 6).

Zaag-bek (Mergus L.) is de naam van een vogelengeslacht uit de familie der Tandsnaveliqen (Lamellirostres).

Het omvat vogels met een slank lichaam, een

Zaag- en vijlmachine.

middelmatig langen, dunnen hals, een grooten kop, een langen, slanken, scherpkantigen snavel met achterwaarts gebogen, hoornachtige platen en sterke haken, korte pooten met groote teenen, middelmatig lange, zeer spitse vleugels, waarin de

Sluiten