Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ren, dat bij 200°C. zijn molecuul kristalwater verliest en zich bij gloeiing splitst in kooloxied en calciumcarbonaat. Het wordt in de quantitatieve analyse gebruikt voor calciumbepalingen. Ferrokaliumoxalaat Fe Kz (C204)2 vindt in de photografie toepassing als krachtig reductiemiddel (oxalaatontwikkeiaar). Ceriumoxalaat, een korrelig poeder, dat in water onoplosbaar is, wordt als cerium oxalicum in de geneeskunde tegen maag- en darmaandoeningen, vooral tegen braking en zeeziekte, aangewend.

Zaringzuur (Oxaalzuur, Acidum oxalicum, C?H204) komt zeer verspreid voor in het plantenrijk. Als zuur kaliumzout wordt het aangetroffen in zuring, klaverzuring, rhabarber, spinazie enz., als calciumzout in de meeste planten, met name in wortels en schors, alsmede in wieren. Verder komt het voor in de urine, vooral na het gebruik van plantaardig voedsel, in mousseerende wijnen, in koolzuurrijke bieren, in guano, in excrementen van rupsen enz. In het groot bereidt men het zuringzuur thans door oxydatie van koolstofverbindingen (cellulose, zetmeel, suiker enz.; vandaar de naam suikerzuur) door een smeltend alkali. In de techniek verhit men daartoe zaagsel van zacht hout, afval van perkamentpapier enz. in platte, ijzeren pannen met een mengsel van bijtende kali en natron tot 240°, loogt het zuringzure alkali uit en scheidt het nadat het is uitgekristalliseerd van de moederloog door filterpersen of centrifuges. Met behulp van kalkmelk wordt het zuringzure alkali omgezet in zuringzure kalk, waaruit door zwavelzuur het zuringzuur wordt afgescheiden, dat men daarna door uitdampen van de oplossing in kristalvorm verkrijgt. Zuringzuur vormt kleur- en reuklooze kristallen met 2 moleculen kristalwater; het smaakt sterk zuur, lost op in water en alkohol, verweert aan de lucht en smelt, waterhoudend bij 101° C., watervrij bij 189° C. Voorzichtig verhit, sublimeert het bij 150° C.; zijn dampen prikkelen sterk tot hoesten. Snel verhit, ontleedt het in kooloxied, koolzuur en water of in mieren- en koolzuur. Zuringzuur is één van de sterkste organische zuren. Het vormt met basen 2 reeksen van zouten (zie Zuringzure zouten). Het is giftig; de doodelijke dosis bedraagt 4—5 gr. De dood volgt dikwijls zeer snel. Daar verwisseling met bitterzout zeer gemakkelijk kan voorkomen, hebben er met zuringzuur verschillende onopzettelijke vergiftigingen plaats gehad. Als tegengift gebruikt men geprecipiteerd calciumcarbonaat, ondersteund door het uitpompen van de maag. Zuringzuur vindt toepassing in de katoen- en woldrukkerij, in de wol- en zijdeververij, als bleekmiddel voor stroo en stearine, in de cosmetiek voor het zacht en blank maken der handen, voor het verwijderen van inkt- en roestvlekken enz.

Zurita, Geronimo, een Spaansch geschiedschrijver, geboren in 1512 ,te Saragossa, ontving zijn opleiding te Alcala en werd in 1547 door de staten van Aragon tot geschiedschrijver benoemd. Als zoodanig schreef hij, na het volbrengen van onderscheiden reizen door Aragon, Italië en Sicilië, zijn voortreffelijke „Anales de la corona de Aragon" (6 dln., 1562—1579), die de geschiedenis van het land van de vroegste tijden af tot opi<Vdma«<ibehandelt. Hij overleed in 1580. Zijn briefwisseling en een levensbeschrijving vindt men in „Progresos de la historia en Aragon" van Dormer. Zijn zoon Geronimo Zurita de Olivan bezorgde van de eerste deelen der

„Anales" in 1585 een nieuwe uitgave. Het geheele werk verscheen nogmaals in 1610 in 6 deelen en in 1669 in 7 deelen. Een uittreksel van de eerste twee deelen verscheen met aanteekeningen van Zurita zelf onder den titel: „Indices rerum ab Aragoniae regibus gestarum ab initiis regni ad annum 1410" (1578), dit werk werd herdrukt in Schoils „Hispania illustrata" (4 dln., 1603—1608).

Zurla, Placido, een Italiaansche geleerde, geboren in het land van Venetië te Legnano den 2den April 1779 als de telg van een adellijk geslacht, trad reeds vroeg in de Orde der Benedictijnen. Paus Pius VII benoemde hem in 1823 tot kardinaal en Leo VII tot zijn vicaris-generaal. Zijn nasporingen omtrent de berichten van Venetiaansche ontdekkingsreizigers in de 13de en 14de eeuw verzamelde hij in zijn geschrift: „Di Marco Polo e degli altri viaggiatori veneziani" (2 dln., 1818—1819, 2de druk met aanteekeningen van Rossi, 1823). Reeds vroeger had hij geleverd: „Dissertazione intorno di viaggie scoperte settentrionali de' fratelli Zeni" (1808) en „Dei viaggi et delle scoperte africane di Cadamosto" (1814). Zijn opmerkingen, geput uit de „Acta" van het genootschap „De propaganda fide", aan welks hoofd hij geplaatst was, deelde hij mede in zijn „Redevoering over de voordeelen, welke de wetenschappen, vooral de aardrijkskunde, te danken hebben aan den christelijken godsdienst" (1823). Hij was een man van gestrenge zeden en stond daarom niet in de gunst van de Romeinen. In 1834 begaf hij zich naar Palermo om de in Sicilië onder zijn opzicht geplaatste kloosters te bezoeken. Hij overleed aldaar aan een beroerte den 10den October van genoemd jaar.

Zurlauben is de naam van een aanzienlijk vrijheerlijk geslacht in Zwitserland, dat oorspronkelijk den naam droeg van De la Tour Chatillon. Hiertoe behooren o. a.:

Zurlauben, Konrad, begaf zich in 1602 naar Parijs om een verdrag te vernieuwen van de 13 Zwitsersche cantons met Hendrik IV. In 1619 volvoerde hij dezelfde taak bij koning Lodewijk XIII. Hij schreef een tractaat: „De concordia fidei" en overleed te Zug in 1629.

Zurlauben, Beatus Jacobus, een zoon van den voorgaande, trad in krijgsdienst, voerde in 1656 bevel over de armee der R. Katholieke cantons tegen die van Zürich en Bern, behaalde de overwinning en ontving van paus Alexander Vil de orde van de Gouden Spoor. In 1668 stond hij aan het hoofd der Zwitsersche troepen aan de grenzen van Franche Comté, vernieuwde in 1684 het verdrag van Zug met den hertog van Savoye en overleed in 1690.

Zurlauben, Placidus, een zoon van den voorgaande, trad in den geestelijken stand en werd in 1683 abt van het klooster der Benedictijnen te Muri. In 1701 verhief keizer Leopold hem in den stand der rijksvorsten; kort daarna werd hij visitator-generaal van alle kloosters der Benedictijnen in Zwitserland. Hij overleed in 1723.

Zurlauben, Beatus Fidelis, een kleinzoon van den voorlaatste, werd geboren te Zug in 1720, ontving zijne opleiding te Parijs aan het Collége des quatre Nations, trad daarop in krijgsdienst en nam in 1742 deel aan de veldtochten in Vlaanderen. Hij onderscheidde zich bij alle veldslagen en belegeringen, werd in 1748 brigadier in de armee van den koning(

Sluiten