Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dienst en de mis. Dit was oorzaak, dat alle voorwerpen van beeldende kunst uit de kerken van Zurich werden verwijderd en tengevolge van een derde twistgesprek op den I3den en I4den Januari 1524 werd ook de mis opgeheven. In laatstgenoemd jaar trad Zwingli in het huwelijk met een 43-jarige weduwe, Anna Meyer, geboren Reinhard.Na, dien tijd, door den Raad krachtig ondersteund, maar door zijn tegenstanders niet minder krachtig bestreden, was hij te Zurich werkzaam als een geestelijk en wereldlijk dictator. Hij regelde het onderwijs, den eeredienst en het huwelijk en gaf zijn geloofsbelijdenis: „Von der wahren und falsclien Religion" in het licht, welke hij aan koning Frans 1 van Frankrijk deed toekomen. Hij dacht met Luther en met de overige Duitsche Hervormers in vele opzichten gelijk, maar hij was radicaler met betrekking tot den kerkelijken dienst en verwierp het leerstuk van de lichamelijke aanwezigheid van Christus in het Avondmaal (zie aldaar). Sedert 1525 ontstond over deze kwestie een hevige strijd tuschen hem en Luther. Op een samenkomst, in October 1529 te Marburg belegd door Philips den Grootmoedige, landgraaf van Hessen, die de staatkundige gevoelens van Zwingli deelde, werden de meeningen van den laatstgenoemde op een ruwe wijze door Luther veroordeeld en het plan van een gemeenschappelijkeProtestantsche onderneming tegen den paus en den keizer leed schipbreuk op leerstellige bezwaren. Reeds in Januari 1528 had Zwingli door een twistgesprek te Bern ook het canton van dien naam aan de zijde der Hervorming gebracht. Doch reeds in 1531 ontstond een openbare oorlog tusschen Zurich en de R. Katholieke cantons Luzern, Schwyz, Un ter walden en Zug. Den llden October 1531 leden de mannen van Zurich de nederlaag bij Kappel, en Zwmgli zelf sneuvelde in dien slag. Den volgenden dag wierp men zijn lijk op den brandstapel en strooide de asch in den wind. Eerst in 1838 is te Kappel een gedenkteeken voor hem opgericht, in 1885 werd te Zurich een gedenkteeken onthuld.

Zwmgli was een edel, zachtmoedig, verdraagzaam, vroom en onbaatzuchtig man en onderscheidde zich door zijn geleerdheid en door zijn praktischen blik, die hem in staat stelde op politiek gebied een groote rol te spelen. Zijn denkbeelden op godsdienstig gebied waren helder, verlicht en verstandig. Van zijn werken noemen wij nog: „Christianae fidei brevis et clara expositio ad regem christianum"(1536). Zijn werken werden uitgegeven door Froschhauer (1545 en 1581), door Schuier en Schulthesz (8 dln., 1828—1842, supplement 1861) en door Egli en Finsier (sedert 1905).

Zwirner, Ernst Friedrich, een Duitsch architect, geboren den 28sten Februari 1802 te Jakobswalde in Silezië, bezocht tot 1821 de bouwkundige school te Breslau, daarna tot 1828 de Koninklijke Academie voor bouwkunst en de universiteit te Berlijn en werd overgeplaatst bij het koninklijk opperbouwbestuur. Na den dood van Ahlert werd hij in Augustus 1833 met het bouwen van den Dom te Keulen belast. Vooral verwierf hij groote verdiensten door het stichten van de „Bauhütte des Doms", die een aantal uitstekende leerlingen leverde, vertrouwd met de kennis van den spitsboogstijl. Daarenboven bouwde hij o.a. de Apollinariskerk te Remagen en het kasteel van den graaf von Furstenberg te Herdringen (1844—1852) en restaureerde de kasteelen

Axenfels en Moyland aan den Rijn. Hij zag zich benoemd tot geheim regeerings- en bouwraad en in 1848 tot voorzitter van het bouwbestuur in het distrikt Keulen. Hij overleed aldaar den 22sten September 1861.

Zwitserland of het Zuritsersche Eedgenootschap (zie de kaart) is een bondstaat, samengesteld uit 22 kantons, of,wanneer men de gehalveerde kantons dubbel telt, uit 25 deelen. Het ligt tusschen 45°49'2" en 47°48'32" N. Br. en tusschen 5°57'26" en 10°29'40" O. L. v. Gr., nagenoeg in het midden van Europa. Het grenst in het oosten aan Oostenrijk (en Liechtenstein), in het zuiden aan Italië en Frankrijk, in het westen aan Frankrijk en in het noorden aan het Duitsche Rijk(Elzas, Baden,Württemberg en Beieren) en heeft een oppervlakte van 41 324 v.km. Het land bezit een eenigszins ovale gedaante, de lengteas heeft, van het westen naar het oosten loopend, een lengte van 340, de grootste breedte-as een van 221 km.

Gesteldheid van den bodem-Van dit geheele gebied kan men enkel eenige smalle oeverzoomen als laagten beschouwen, namelijk het dal van den Rijn van den mond der Aare af, dat van den Boven-Rijn, van de Ticino en van de Maggia. Het absolute hoogteverschil bedraagt 4441 m. (Dufourspitze 4638 m., Langensee 197 m.), de gemiddelde hoogte is ruim 1350 m.. Het voornaamste gebergte draagt den naam van Centraal- of Zwitsersche Alpen (zie Alpen), die ongeveer 68% van de oppervlakte van den bodem beslaan. Langs de W.grens strekt een middelgebergte, Jura geheeten, zich uit, tusschen die beide heeft men de Zwitsersche hoogvlakte of het heuvelland, dat door een gordel van VoorAlpen allengs in het hooggebergte overgaat. De hoogvlakte vormt het best bebouwde en meest bevolkte gedeelte van Zwitserland; in de dalen verheft zij zich meestal 400—500 m. boven den zeespiegel. Het Meer vanGenève ligt 375,dat van Neuchatel 433, het Vierwoudsteden Meer 437, dat van Zurich 409 en het Bodenmeer 399 m. boven de oppervlakte van de zee. De afzonderlijke gewesten (Gauen) dragen in de volkstaal nog altijd bepaalde namen, zooals: Gros de Vaud, het middelste gedeelte van Waadtland, welks met wijngaarden bedekte hellingen aan het Meer van Genève La Cöte (bij Nyon-Morges) en La Vaux (bij Cully) heeten, terwijl zij zich verheffen tot de bergvlakte van den Jorat (932 m.), het Üchtland of het vlakke land van Freiburg, Vignoble, de oeverstreek van Neuchatel, het Seeland, tusschen het Murten-, Neuchateller en Bieler Meer met den Vully of Wistenlach (659 m.), de Berner Middenstreek,waarop de Gurten (861 m.) en de Bantiger Ilubel (949 m.) zich verheffen, het Beneden-Emmental, de Opper-Aargau, het Bucheggberger en Kriegstatter Ambt, de Gau van Solothurn en van Luzern, de Beneden-Aargau en het Freiambt, door den Lindenberg gescheiden, het Knonauer Ambt, afdalend naar den ooftrijken Baarer Boden, het Zuricher Opper- en Benedenland, de Vlakte van het Rafzerfeld, het Weinland tusschen Winterthur en Schaffhausen, met den Irchel, de Seerücken en de Ottenberg (671 m.) in Thurgau en het Alte Landschaft of het Fürstenland St. Gallen, in welks midden de Tannenberg (901 m.) zich verheft.

Geologie. De kern van de Alpen bestaat uit kristaliijne leisteen, gneissoorten, glimmerlei, hoornblende leisteen enz. en graniet, welke steen-

Sluiten