Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

melijk mineralogische onderzoekingen op het terrein, waarop de grensexpeditie werkzaam was. Hetzelfde geschiedde door de expeditie onder L. Schultze in 1910, naar aanleiding van de grensregeling met Nederland. In samenwerking met de Nederlandsche expeditie werd het gebied tusschen de HumboldtBaai in het N. en den 5den Z. lijken breedtegraad in het Z. nauwkeurig uit een aardrijkskundig oogpunt opgenomen.

Nienw-Malthusiaansche Bond is een vereeniging tot beperking van het aantal geboorten door kunstmiddelen, die de ontvangenis moeten voorkomen. Zooals in het artikel Bevolkingstheorie en Bevolkingspolitiek werd medegedeeld, ontstond op het einde der 18de eeuw, vooral in de grootere steden, vrees voor overbevolking, en dit verschafte veel aanhangers aan de leer van R. Malthus (zie aldaar), volgens wien de toeneming der bevolking afhankelijk is van de middelen van bestaan, welke laatste slechts volgens een rekenkundige reeks zouden toenemen, terwijl de vermeerdering der bevolking volgens een meetkundige reeks zou geschieden, waardoor dus bij onbeperkten aanwas der bevolking ten slotte overbevolking met al den aankleve van dien moest ontstaan. Terwijl nu Malthus zelf op beperking van het kindertal aandrong door zelfbeheersching, een theorie, die als Malthusianisme bekend staat, ontstond in 1877 in Engeland de Malthusian League, welke tot verlichting van de taak der ouders en van het volk (gebrek aan middelen om een groot gezin behoorlijk te onderhouden, versnippering der erfenissen bij aanwezigheid van veel kinderen) preventieve middelen tot beperking van het kindertal aanbeveelt. Volgens haar toch zouden de door Malthus aanbevolen middelen, zooals zelfbeheersching in het geslachtelijk verkeer, late huwelijken, zelfs coelibaat, enz. tot geslachtsziekten en uitspattingen aanleiding geven. Dit zoogenaamde Nieuw- of Neo-Malthusianisme, dat feitelijk den naam van Malthus misbruikt, heeft hevige tegenstanders, maar evenzeer vurige voorstanders gevonden. Het is niet beperkt gebleven tot Engeland, maar vindt ook in vele andere landen van W. Europa, zooals in Duitschland, Italië, en ons land, toepassing. De uitersten zien in het te sterk aangroeien der bevolking de oorzaak van alle sociale ellende, die dus bij toepassing van hunne denkbeelden verdwijnen, de meest gematigden (waartoe o.a. John Stuart MUI, Mantegazza e.a. behooren) beschouwen het althans als een middel om vele misstanden te verbeteren. Ook de aanhangers van het Nieuw-Malthusianisme onder de socialisten, zooals Kautsky, meenen dat in den socialistischen toekomststaat de toeneming der bevolking door preventieve maatregelen zal moeten geregeld worden, om de tegenwoordige misstanden duurzaam te doen verdwijnen.

Nieuw-Malthusianisme. Zie Nieuw-Malthusiaansche Bond (A).

Nieuw-Zeeland. Op het einde van de zitting van 1903 nam het Parlement de „Preferential and Reciprocal Trade Act 1903" aan, waarbij van een aantal goederen, voor zoover zij niet in het Britsche Rijk zijn vervaardigd, hoogere invoerrechten worden geheven. Met de Z. Afrikaansche Tolunie kwam een wederkeerigheidsverdrag tot stand, terwijl in 1903 een wet werd aangenomen tot invoering van het metrieke stelsel van maten en gewich¬

ten op den lBtel1 Januari 1903i In het jaar daarvoor was de „Compensation for Accidents Act", waarin aan arbeiders, ingeval hun een ongeluk overkomt, het recht op een uitkeering in geld wordt toegekend, tot wet verheven.

De directeur van den geologischen"rdienst van Nieuw-Zeeland, J. M. Bell, nam in 1907 de Karangarua-rivier op het Z. lijke eiland op, terwijl hij ook den Douglas- en den Mc Kerrowgletscherjnader onderzocht. In samenwerkingmethetWijsgeerig Genootschap te Canterbury zond de regeering in 1907 een expeditie onder Farr naar de eilanden ten Z. van Nieuw-Zeeland om op deze een biologisch onderzoek in te stellen, daar zij juist op de grens van de antarctische en de gematigde z8ne liggen. Aan deze expeditie namen L. Cockayne en W. S. Pillans]deel, die een plant-, resp. dierkundigonderzoekverrichtten op de Auckland- en de Campbell-eilanden. Cockayne zette zijn onderzoekingen voort op het Stewarteiland, terwijl hij ook de kustduinen op het Noordeiland van Nieuw-Zeeland bestudeerde.* Zij bedekken een oppervlakte van ongeveer 314 000 acres en hebben de bijzondere aandacht van de regeering'getrokken, weike reeds in 1907 een wetsontwerp indiende, dat haar versterking naar Fransch en Duitsch voorbeeld beoogt.

De „Native Land Act" regelde het verwerven van grond door in het land geboren ingezetenen. Tot dekking van de rente van een leening voor het aanschaffen van een draednought-oorlogsschip „Sealandia", dat als geschenk voor de Engelsche vloot is bestemd, werd van November 1909 tot Maart 1911 een toeslag op de invoerrechten van alle goederen geheven. Een ziekte- en ongevallenverzekeringswet trad den lBten Januari 1911 in werking; een moederschaps- en weduwenverzekering is in voorbereiding.

Noorwegen. Het nieuwe, ultra-radicale Kabinet-Knudsen zag den 8sten April een motie van vertrouwen met 67 tegen 55 stemmen aangenomen. Aangewezen op den steun der socialisten, had het echter met groote parlementaire moeilijkheden te kampen. Om zich te kunnen handhaven, moest het belangrijke tegemoetkomingen doen aan de uiterste linkerzijde, waardoor het verschillende aanhangers, met name de boeren-kiezers, van zich vervreemdde. Den 13den Augustus 1909 werd het wetsontwerp omtrent een nieuwe legerorganisatie, uitgewerkt, door een bijzondere commissie, aangenomen. Onmiddellijk daarop, den 208ten Augustus, nam de minister van Oorlog zijn ontslag. Bij de verkiezingen voor het Storthing in den herfst zouden voor de eerste maal de 300 000 vrouwen, welke in 1907 het kiesrecht hadden gekregen, meestemmen. Geen wonder, dat men met spanning den uitslag tegemoet zag. Gedurende den verkiezingsstrijd sloten de socialisten en de radicale fractie der linkerzijde een verbond, terwijl de conservatieven met de liberale fractie van de linkerzijde samen gingen. Het resultaat was een gevoelige nederlaag voor de ministerieele partijen. Het aantal radicale mandaten daalde van 60 op 47; alleen de socialisten veroverden een nieuwen zetel. De troonrede kondigde den 26sten Januari 1910 wetsontwerpen omtrent een belasting op de bierbrouwerij, een scheidsgerecht tusschen werkgevers en arbeiders enz. aan. Reeds den volgenden dag echter diende het Kabinet-Knudsen, zijn ontslag in. Den l8ten Februari trad een coalitie-ministerie uit liberalen en conservatieven onder den liberalen Storthing-voorzitter

Sluiten