Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bladz.

§ 385. Conslrucliën in het tafereel. Wanneer een punt, eene lijn en een vlak in axonometrische perspectief gegeven

zÜn 289.

§ 380. Werkstuk. De doorsnede te construeeren van twee

gegeven vlakken 290.

§ 387. Werkstuk. Het snijpunt te bepalen van eene rechte

lijn met een vlak 291.

§ 388. Werkstuk. Een vlak te construeeren door eene lijn

en een punt buiten die lijn 291.

§ 389. Werkstuk. In een gegeven vlak een willekeurig punt

aan te nemen 291.

§ 390. Werkstuk. Door een gegeven punt een vlak te brengen,

evenwijdig aan een gegeven vlak 292.

§ 391. Werkstuk. Uit een gegeven punt in het horizontale vlak eene loodlijn neer te laten op eene in dit vlak gegeven lijn 292.

§ 392. Werkstuk. Door een gegeven punt eene lijn te trekken,

die loodrecht is op een gegeven vlak 293.

§ 393. Werkstuk. Uit een gegeven punt eene loodlijn neer

te laten op eene gegeven lijn 294.

§ 394. Werkstuk. Den werkelijken afstand te bepalen van

twee gegeven punten 294

§ 395. Werkstuk. Een gegeven vlak in het tafereel neer te

slaan 295

§ 39C. Werkstuk. Van eene hyperbolische paraboloïde zijn als richtlijnen gegeven eene lijn in het verticale vlak, evenwijdig aan de Z as, en eene lijn in het derde vlak,

terwijl een gegeven vlak, door de Y as gaande, richtvlak is. Men vraagt de beschrijvende lijnen van het oppervlak te construeeren, die evenwijdig loopen aan een gegeven vlak en het punt te bepalen, waarin het oppervlak door het verticale vlak geraakt wordt . . 296.

§ 397. Werkstuk. Door eene gegeven lijn een vlak te brengen,

waarop twee gegeven elkander kruisende lijnen zich als evenwijdige lijnen zullen projecteeren 297.

§ 398. Werkstuk. Gegeven de perspectief van den top en de perspectief van het middelpunt van het grondvlak van een rechten cirkelvormigen kegel, benevens de straal van dit grondvlak. Bepaal de perspectief van den kegel . 297. Oefeningen 253—274 299.

Sluiten