Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OEFENINGEN.

2/5. Gegeven de cavalière perspectief AB van eene rechte lijn en de perspectief A'B' van hare projectie op het XY vlak.

Construeer de werkelijke lengte dezer lijn en den'hoek dien zij met het XY vlak maakt. J

27(3. Gegeven de cavalière perspectieven AB en P van eene lijn en een punt, benevens de perspectieven A'B' en P' der projectiën op het XY vlak. Construeer:

a. de perspectieven van de doorgangen van het vlak dat door de lijn en het punt gaat;

b. de perspectief van het voetpunt der loodlijn uit het punt op de lijn neergelaten.

277. ieeken de cavalière perspectief van eene regelmatige zesziidige pyramide, die op het horizontale vlak staat, en construeer daarna de doorsnede van het lichaam met een vlak, gaande door eene gegeven in het horizontale vlak liggende lijn en een gegeven punt op een der opstaande ribben.

278. Gegeven de projectiën van een kubus en van eene driezijdige pyramide, die op het horizontale vlak staan. De pyramide wordt om eene ribbe van het grondvlak gewenteld, tot zij met eene ribbe tegen den kubus steunt. Teeken de cavalière perspectief der lichamen in dezen stand.

279. Ieeken de cavalière perspectief van twee pyramiden, die elkander snijden , en construeer de doorsnede der lichamen in deze perspectiefteekening.

280. De cavalière perspectief te bepalen van een geweerrak, in Hg. 339 door eene doorsnede en eene gedeeltelijke horizontale projectie gegeven. De schragen staan 1 M. midden op midden van elkander. Men neme een geweerrak van 2 schragen, waarbuiten de verbindingsplaten 0,30 M. uitsteken.

Sluiten