Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK II.

HET ZEDELIJKE LEVEN VAN DEN MENSCH.

§ 11.

Het zedelijke leven op zich zelf beschouwd.

Het zedelijk subject wordt gekenmerkt door de zelfbepaling, die als zedelijk verschijnsel niet anders kan gedacht worden dan in verband niet eene bepaalde hoogte van verstandsen gemoedsleven. Ongetwijfeld heeft men ook hier inet iets betrekkelijks te doen, en het gebied der vrijheid wordt hier betreden, al is daarbij aan willekeur niet te denken en al is in het algemeen de strijdvraag, die deterministen en indeterministen verdeeld houdt, hier niet op hare plaats.

Het zedelijke leven dat zich zelf bepaalt wordt geleid door plichtbesef, waaraan bedoelde zelfbepaling volstrekt gebonden is, voor zoover zij een zedelijk karakter draagt. Zóó vertoont zich in het zedelijke leven de gebondenheid, die trouwens aan alle historisch leven eigen is krachtens de continuïteit die daarin heerscht, ook blijkens de eenheid van doel die hierbij moet worden ondersteld. Bij verandering van den algemeenen zedelijken toestand des menschen wordt het doel gewijzigd en dienovereenkomstig de wet van het zedelijke leven anders gesteld, maar op gegeven standpunt is

zoowel in het een als het ander eene vastheid te erkennen,

294

Sluiten