Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1. De voorwaarde van het zedelijke leven. Indien gevraagd wordt, aan welke voorwaarden de ontwikkeling van het zedelijke leven gebonden is, dan moet ongetwijfeld op den eisch van het gemeenschapsleven (zie § 1U) nadrukkelijk gewezen worden. Maai- als volstrekte voorwaarde van het zedelijke leven zelf kan enkel de eisch gelden dat de mogelijkheid van zelfbepaling aanwezig zij. "Wordt de mensch als zedelijk subject erkend, daarmede is dan zelfbej>aling hem toegekend. Het gebied van den wil, waarop de zelfbepaling hare plaats vindt, moet als zelfstandig beschouwd worden, ook al wordt geenszins voorbijgezien, dat verstands- en gemoedsleven beiden zekere mate van ontwikkeling moeten hebben bereikt, eer er spraak kan zijn van eene zelfbepaling die een zedelijk karakter draagt. In de phaenomenologie des zedelijken levens kan de behandeling van het vraagstuk der vrijheid niet worden opgenomen , maai' wèl moet hier op het merkwaardig verschijnsel der zelfbepaling gewezen worden, als waarin zich ook het onderscheid tusschen mensch en dier in het algemeen openbaart. Door Paulsen (System der Ethik) wordt bedoelde zelfbepaling als de „psychologische" wilsvrijheid aangeduid tegenover de „metaphysische vrijheid". Daargelaten de juistheid van zulk eene onderscheiding, zeker is dat de strijd tusschen deterministische en indeterministisclie beschouwingen over de laatste, niet over de eerste loopt. De zelfbepaling bestaat hierin, dat de mensch ,agit" en niet „agitur", en wordt terecht tegenwoordig door velen geklaagd over de verslapping der zedelijke wilskracht, het is ook dewijl er — om met Raoul Allier (Les défaillances de la volonté au temps présent 1891 p. 8) te spreken — onder de „paralytiques de la volonté" zoo velen zijn die op onvoldoende wijze tot zelfstandig handelen worden geprikkeld. Bij hoog-ontwikkelde dieren wordt soms een of ander gevonden dat aan zelfbepaling doet denken, maar de normale mensch is zonder zelfbepaling niet denkbaar, tenzij dan dwang van buiten hem bindt. Trouwens, er zijn ook in de vrijheid der zelfbepaling zeer onderscheiden graden bij den mensch zeiven. Het is niet hetzelfde, of men blijft in het huis waarin men zich bevindt, dewijl inen vooralsnog geen lust heeft zich daaruit te verwijderen, dan wel dewijl

Sluiten