Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

spraakgebruik speelt eene voorname rol bij de behandeling van den „strijd der plichten", gelijk ook bij het bespreken van wat „onverschillig" raag heeten of bij de vaststelling van het begrip „geoorloofd" in de zedekunde niet weinig is ter spraak gebracht, dat wèl geschikt schijnt om de moeielijkheden voor den zedekimdige te vermeerderen, ook zonder dat het dienst deed om over den zedelijken strijd en zijne wezenlijke bezwaren helder licht te verspreiden. (Dr. G. Vellenga. Het geoorloofde. Eene zedekundige studie 1895. Dr. Gottlob Mater. Die Lehre vom Erlaubten in der Geschichte der Ethik seit Schleiermacher 1899).

2. Het gevaar van den strijd. Het zedelijke leven van den mensch in zijnen „natuurlijken", door de zonde beheerschten, toestand kan niet anders dan eene voortdurende worsteling zijn. Tot overwinning komt het eerst, als de.macht der zonde verbroken is. Terwijl volgens de Christelijke geloofsovertuiging het werk van Christus daartoe den weg baant, is de zegepraal niet te behalen, dan in eenen strijd dien de mensch in zijn innerlijk leven te voeren heeft. De noodzakelijkheid van den zedelijken strijd wordt alzoo — in den ruimsten zin — erkend ook door wie aan den persoon en het werk van Christus — in zijn leven en sterven — beslissende waarde toekent ten aanzien van 's menschen heil. Het is intusschen de vraag, of men wel altijd, ook in Christelijke kringen, zich voldoende rekenschap gaf van de kracht en de beteekenis der omstandigheden waaronder de zedelijke strijd te voeren is. De overtuiging, dat men hier niet enkel met uitwendige feiten te doen heeft, doch dat werkelijk in het eigen binnenste des menschen de kracht der verzoekingen schuilt, is wel eens op bedenkelijke wijze ter zijde gesteld. Zóó kon men meenen (Heldrejg. Vereeniging. Mei 1857, cf. Opzoomer. Losse bladen, I bl. 281) tegen eenzame opsluiting van den misdadiger te moeten pleiten, dewijl hij daardoor geacht werd aan alle verzoekingen onttrokken te zijn, in plaats van te oordeelen, dat het raadzaam kan zijn, den zwakke voor een tijd buiten aanraking met anderen te brengen, om het gemoed voor betere indrukken te openen zonder dat de traan des berouws wordt teruggehouden of goede voornemens vluchten voor vuigen spot van lichtzinnigen. Zoowel bij het werk der opvoeding, als

Sluiten