Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

te berde gebracht werd lokte met recht tegenspraak uit, en niet minder wat de patristiek der Christelijke oudheid geleverd heeft, terwijl de scholastiek krachtig heeft medegewerkt, om tegenzin te wekken tegen elke atomistische behandeling van de deugd. De onderscheiding van hoofddeugden heeft bijzondere beteekenis gekregen in de Christelijke kerk en handhaaft zich ook min of meer in den tegenwoordigen tijd. De nieuwere zedekunde moge al in de plichtenleer zich aan verschillende indeeling houden, de eenheid der deugd wordt steeds krachtiger door haar bepleit.

Dat de deugd, als betooning van al wat plicht moet lieeten, hooge waarde heeft voor de maatschappij, spreekt van zelf. Heeft het maatschappelijk leven wel eens last van de vraag 0111 recht, niet anders dan voordeel trekt het van alle prediking .van den plicht. Maar evenmin als de rede de zegepraal van het goede zonder voorbehoud waaiboigt, evenmin is de plicht zelf in staat den mensch te volmaken. De kracht der zinnelijkheid wijkt niet altijd voor de stem der rede en ook niet voor eenigen kategorischcn of liypothetischen imperatief op zich zelf. Het komt in den mensch aan op de innerlijke tucht, die ldj oefent over zich zei ven als gedrongen door het machtig beginsel der deugd, dat 111 zijn gemoedsleven heersclien moet,.en daar werkelijk heerschappij kan oefenen wanneer en in zoover de mensch leeft in gemeenschap met God. De zegepraal wordt in het zedelijke leven niet behaald dan in verband met den Godsdienst, en ernstige feiten wijzen ook het tegenwoordige geslacht op de noodzakelijkheid om te ijveren voor het recht en de macht der overtuiging, dat wie den Godsdienst veracht liet graf

Sluiten