is toegevoegd aan je favorieten.

Goed en kwaad

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die menschen zijn, en evenals een jongen in zijn houten hobbelpaard een groot levend dier ziet, zoo gaat het ook daarmede. Er zijn menschen, die hierin steeds kind blijven; er zijn er ook, die bij het ouder worden bemerken, hoe het speelgoed uit hun denkjeugd maar speelgoed was, en geen levende dingen, zooals zij die op rijper leeftijd om hen heen gaan zien. — Zeg, is kind-zijn niet mooi? Is gelukkig-zijn met een dwaasheid niet mooi? Is hevige overtuiging niet mooi? Is getrouwheid tot den dood aan een dwaling niet mooi ? Is het domste, meest bekrompen geloof niet mooi? Ik geloof dit stellig, en toch heb ik oogenblikken, dat ik het om mooi-zijn waardeeren der dingen een geheel uiterlijke schatting vind; daarbij komt nog, dat ook mooi-vinden in veel gevallen zoo iets geheel persoonlijks is, dat het ons weer heel geen houvast geeft. Waarheid geeft dit ook niet. Wat zou het toch wèl geven? Ik vind, denkend, wel eens een waarheid, die me later weer een leugen blijkt, en dan zoek ik toch telkens verder. Zou misschien het zoèken zelf het bevredigende zijn; zou dat, zonder datje ooit iets wezenlijks vindt, je geluk kunnen geven?

Ik weet dat niet. Ik geloof, dat het niet zoo is, en toch

Frans, die aanhoudend heeft geglimlacht, terwijl zijn vrouw sprak, onderbreekt haar nu: Wat je van waarheid zegt, lijkt me juist, maar schoonheid is heel iets anders. Waarheid is tijdelijk, maar schoonheid is eeuwig. Er mogen perioden zijn, waarin de menschen eene kunstsoort hooger stellen dan een andere, maar door de tijden henen blijft gevonden schoonheid: schoonheid. Ik meen niet voor een enkeling, maar voor de gansche groepen menschen. Zijn de oude Assyrische en Egyptische bouwwerken minder dan de Renaissance, de Gothiek? Zullen de Joniërs en de Doriërs niet schoon zijn tot het einde der eeuwen? Was Polykleitos de mindere van Rodin? Is de Delftsche Vermeer niet aan schoonheid de gelijke van de heerlijkste oude Spaansche en Italiaansche meesters ? Verdrijft een nieuwe schoonheid een vorige, zooals een nieuwe waarheid dit doet? Heeft men Homeros geminacht, toen men de stukken van Shakespeare zag, en wist, dat het schoon was ?

Goed en kwaad. I.