is toegevoegd aan je favorieten.

Deken De Bo, een groote Vlaming

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Sint Raymonds mantel.

Ziet gij dat eiland van Majorca Waar de ongestuime zee rond brandt, Wel honderd zestig lange mijlen Verwijderd van het Spaansche strand ?

Ziet gij dien stoet daar rond den Koning, En in dien stoet een Pater staan,

Met eenen staf om op te leunen En met een zwarten mantel aan ?

't Zijn Spanjaards die den Prins verzeilen.

Sint Raymond is de kloosterling,

Die, zijne Majesteit gehoorzaam,

Met Haar, op reize medeging.

Dien Koning was een vroom Geloove,

Maar jammer! hij beleefde 't slecht;

En, wat de Pater ook vermaande,

Zijn kromme wil bedeeg niet recht.

" Heer Koning ! „ sprak de heilige Raymond, " Gij horkt naar mijne stem niet meer. 't Is vruchtloos hier mijn tijd versleten. Ik keere naar mijn klooster weêr. „

" En mij verlaten ! „ zei de Koning, " Dat heet noch heusch noch heilig toch ;