is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaring van den Katechismus der Nederlandsche bisdommen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werken en zijn kruisdood de profetieën van het Oud Verbond vervuld heeft, moet de Gezalfde zijn door Daniël voorspeld 1).

c. Aggeüs en Malachias.

Toen de Joden, na hun terugkeer uit de babylonische gevangenschap, onder Zorobabel den tempel weder opbouwden, en de ouden van dagen, die den prachtigen tempel van Salomon hadden gekend, met diepen weemoed het veel geringer bouwwerk van Zorobabel aanschouwden, sprak God door den Profeet Aggeüs: „Beroeren zal Ik alle volkeren; en komen zal de Verlangde voor alle volkeren 2), en Ik zal dit huis vervullen met heerlijkheid, zegt de Heer der heerscharen— Groot zal de heerlijkheid zijn van dit latere huis, grooter dan van het vorige, zegt de Heer der heerscharen; en in deze plaats zal Ik vrede geven, zegt de Heer der heerscharen" Agg. II, 8, 10.

Nog duidelijker sprak God door den mond van Malachias: „Zie, Ik zend mijn engel (den H. Joannes den Dooper), en hij zal den weg bereiden voor mijn aangezicht. En terstond zal tot zijn tempel komen de Heerscher, dien gij zoekt, en de engel des verbonds, dien gij begeert. Zie, Hij komt, zegt de Heer der heerscharen". Malach. III, 1. De beloofde Messias moet derhalve komen, om den tempel van Zorobabel door zijn tegenwoordigheid te verheerlijken en hem grooter luister te geven, dan Salomons tempel immer gekend had. Welnu het was in dezen tempel, dat Christus als kind werd opgedragen (Z.c. II, 22), op twaalfjarigen leeftijd de joodsche leeraren ondervroeg (Lc. II, 46), dagelijks leeraarde (Lc. XIX, 47). Al was nu ten tijde van Christus deze tempel door Herodes den Groote vernieuwd, verfraaid, vergroot, hij was toch dezelfde tempel. In het jaar 70 werd deze tempel door de Romeinen verwoest, verwoest voor eeuwig.

') Jos. Schets i. h. I. 2) In plaats van: en komen zal d( Verlangde voor alle volken, staat in het hebreeuwsch: en komen zullen de kostbaarheden (de begeerens waardige dingen) van alle volkeren. De zin is: de volkeren zullen zich tot den Messias bekeeren en zij zullen zich met al hun schatten aan God toewijden. Deze zin onderstelt, dat de Messias gekomen is, en verandert niets aan de bewijskracht der profetie.