Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Niet het minst onreine gedachten en handelingen op zedelijk gebied en in het sexueele leven voeren tot den twijfelstaat. Niet weinigen, die zondigen op sexueel terrein, zijn daardoor zoo beangst geraakt, dat ze soms zelfs meenen de zonde tegen den Heiligen Geest bedreven te hebben.

Het is verkeerd, de zonden op sexueel terrein zwaarder aan te rekenen dan andere zonden. Christus heeft dit niet gedaan; Hij heeft in tegenstelling met de eigengerechtige Farizeeërs de zondaars, die zich schuldig maakten aan onreinheid op zedelijk gebied, bijzonder zachtzinnig behandeld. Men moest hier minder dé houding van zwijgen toepassen. Dit zou voor heel wat menschen, ook voor jonge menschen, van groote beteekenis zijn. In elk geval, door overtredingen op sexueel gebied worden tallooze twijfelingen gewekt.

c. Instanties van buiten, die invloed laten gelden. Deze mogen wij in de derde plaats noemen als een factor, waardoor twijfel wordt opgeroepen.

Onder die instanties moet allereerst gerekend worden het bezwaar, dat tegen de rechtvaardigheid en wijsheid van Gods wereldbestuur wordt ingebracht. Men wijst op het bestaan van het kwaad, op oorlog, rampen, onverdiend leed en lijden, onderdrukking van onschuldigen, zegepraal van het onrecht en andere onverklaarbare raadselen. De „Peinsensmoede" van De Génestet leeft nog altijd, die zegt: „In raads'len wandelt de mensch op aard". En menigeen is er gauw bij te zeggen: „Is dat nu een God van liefde ? Neen, in zoo Eén kan ik niet gelooven!"

Maar het is ten slotte gemakkelijk den mensch, die zondigt, van zijn verantwoordelijkheid te ontslaan en dan de schuld op God te werpen.

Als de mensch zichzelf leert kennen in den spiegel van

Sluiten