Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meerde Gemeente te Winterswijk naar aanleiding van 2 Tim. 4 :1 en 2, en hoe ik op dien dag het Evangeliedienstwerk aanvaardde naar Aanleiding van 2 Corinthen 4 : 7.

Ik zeg: ik neem de vrijmoedigheid op dezen voor mij zoo gewichtvollen dag den wensch en de bede des Apostels de mijne te maken. Ik deed dit reeds den 27 September j. 1. in het land van Axel, waar ik eenigen tjjd mocht doorbrengen. Ik trad in den voormiddag van dien dag op voor de gemeente te Axel om met deze woorden mijn afscheid te nemen van haar, en verzocht haar mijn afscheidsgroet over te brengen aan de gemeenten te Ter Neuzen en te Zaamslag. Toen die gemeenten nog gecombineerd waren heb ik er acht jaren en zes maanden gearbeid, nameljjk van October 1846 tot April 1855. Ik vertrok van daar naar Koekengen en bediende, achtereenvolgens de gemeenten te Amsterdam, Assen, Oud-Loosdreeht en Baambrugge, Utrecht, Velp, Naaldwijk en Zalk, in welke laatste gemeente ik na zes jarig dienstwerk, mijn Emeritaat moest aanvragen ter oorzake van ongesteldheid des lichaams, waardoor ik verhinderd werd mijn werk geregeld te verrichten. Lk ontving mijn eervol ontslag den 3 Juni 1884, van de klasse Zwolle, bijgestaan door de Provintiale Deputaten der Proviutie Overijsel, nam mijn afscheid van de gemeente Zalk, 22 Juni, naar aanleiding van 2 Johannes vs. 8, in de voormiddag godsdienstoefening, en des namiddags naar aanleiding van 2 Corinthen 13 vs. 11, en vertrok den 26 Juni naar Kampen, om er te wonen zoo langeu tijd als het den Heere behagen zal. Ik heb dus twaalf of dertien gemeenten bediend en bearbeid tot roem van Gods ontfermende liefde en genade,

Mijn wensch en bede is dan op dezen dag voor al die gemeenten, waar ik het meest heb gearbeid, en ook, voor al de gemeenten des Heeren, voor de geheele Christelgke

Sluiten