Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

droefste tijden van inzinking was der gemeente nog altijd iets van het heilige gebleven, en sints bracht de geloofsopwekkirtg dezer eeuw ons menig kostbaar erfstuk terug. Welnu. Dat te redden, zonder meer te eischen. Daarvoor pal te staan, zonder de hand naar meer uit te strekken, — zietdaar derzulken leus. Nieuw te scheppen, wagen ze niet, het oude terugroepen, kunnen ze niet, — wat zullen ze dan beter doen, dan aan wat gered werd al hun liefde schenken, vast besloten, elke hand terug te slaan, die weer ten roof naar dat kleinood greep.

Toch kan ook zulk een streven slechts bevredigen vooreen tijd. Natuurlijk, wie zich eerst schier van alles beroofd zag, springt op van vreugde, zoo een deel van zijn schat tot hem wederkeert. Van daar dat de eerste opwekking bij onze rechtzinnigen elke andere gedachte, dan die der dankbaarheid, buitensloot, en, zonder andere keur dan die van sympathie des geestes, de man zich met zijn broeder verbond. Wie begreep die rekbaarheid niet, waar een strenger eisch de rookende vlaswiek, het pas gewekte leven, dreigde uit te blusschen? Wel had men op veel niet eenzelfden blik, maar toch, hoe klein ook, er was een gemeenschappelijke bodem, waarop men arm in arm kon staan. O! het waren schoone dagen, die eerste dagen des nieuwen levens, toen men in kinderlijke onbezorgdheid zich op den stroom het afdrijven, en nog geen stormen

duchtte en aan geen eischen des levens dacht. Maar toch

die eischen kwamen, en toen bleek het alras dat men, om saam te wonen, meer behoeft dan een gemeenschappelijken bodem. Immers aan wat men saam geloofde, werd men ras gewend, de vraag naar wat daar verder lag, liet zich niet langer onderdrukken: hoe meer men het oog van het verschil

zocht af te trekken, hoe meer het er heen trok en toen

werd de jammer openbaar. Want toen bracht elk zijn eigen meetsnoer aan en was er geen maatstaf die beslissen kon. Toen begon dat zweren van een iegelijk bij zijn eigen woord, dat zich verhezen van elk in eigen paden, en al te wreed moest toen de zorgelooze broederkring boeten, dat ze slechts

Sluiten