Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Christus stelt een allesomvattend en volstrekt beginsel, d. w. z. uit hem begint een geheel nieuw leven. Toch is dusver nog slechts een zeer klein deel te voorschijn getreden van den eeuwigen levensschat, die in dat beginsel ligt. Een deel van wat dit beginsel in zich draagt, is naar buiten gekomen, maar verreweg het grooter deel ligt er nog in. Nu kan men, óf wat dusver uit dat beginsel reeds te voorschijn kwam, óf het beginsel zelf behouden. Het conservatisme doet het eerste: de ware orthodoxie moet het laatste doen. Niet om de enkele bloesems, die zich reeds ontplooiden, om de plant ze 1 v e moet het haar te doen zijn: om die plant, mét de vormingskracht die in haar wortelen schuilt: om die plant, mét de profetie van ontelbare bloesems, die haar leven ons brengt.

De plant moet ze behouden, niet alsof onze hand de rijpe vrucht eerst zelve scheppen moest, om die straks aan haar takken te binden, maar in het vast geloof, dat ze zelve die volheid van vruchten nu reeds in zich besluit. Den Christus houden dus, niet slechts ter handhaving van een onderscheiden leven, niet slechts als het volstrekt beginsel van dat eigen leven, maar evenzeer als den Eeuwige, in wien de volheid van dat leven, ook voor uzelven, nu reeds rust. De orthodoxie breekt met het eeuwige, zoo ze onze vaderen niet durft naspreken: dat we in Christus alles hebben, ejt niet het nog eerst verwerven moeten.

Wie nog zelf den Heer, al was het slechts een enkelen steen, wil aandragen voor zijn eeuwig huis, of meent, dat hij nog voltooien moet, wat Christus slechts begonnen is, die kan niet behouden, wat hij zelf erkent, nog niet te hebhen, en steeds nog zoekt. Alleen het eeuwige, is het houden waard, maar dan ook dat eeuwige, niet leeg, maar met zijn volheid, niet ten deele, maar geheel. Het is zoo. Dat eeuwige is uw bezit nog niet, maar toch is het uw eigendom, uw reeds losgeworden erfenis. Gij hebt ze, die volheid des eeuwigen levens, maar gij hebt ze door het geloof.

Dat leven, dal ge in Christus hebt, inzijn eigen aard, inzijn scherpgeteekend beginsel, inzijn eeuwige volheid te houden, zietdaar dan onze heilige roeping. M. H. Gelooft ge, dat

Sluiten