Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

allen gelooft, beladen te zijn geworden, in hunne plaats gestorven te zijn, eu alzoo de straf gedragen, voor de zonde betaald, en God verzoend te hebben.

Maar eilieve, waar lezen wij hier dat de zonden op dev stervenden bok gelegd werden? Wij herhalen, indien de zonden op den stervenden bok gelegd werden, hoe kan hij dan geacht worden een offer zonder gebrek, dat is een offer zonder zonde te zijn? De offers moesten immers zonder gebrek, volkomen, rein zijn. En dit offer zou geheel en al met zonden beladen, en dus ten eenenmale onrein zijn geweest!

Neen! het offer van den var en den bok was een voorstelling van een volkomen rein offer; maar van volkomen en reine verootmoediging voor God, van de hartgrondige erkentenis en belijdenis: Ik, zij , wij allen hebben gezondigd, en zijn des doods schuldig, door de schending van die heilige wet, en van het altaar etc. dieniet geschonden mochten worden. Op die volkomen reine en ootmoedige erkentenis van doemschuld, die in het offer uitgedrukt werd, werd de zonde vergeven, de verontreiniging zinnebeeldig, allereerst door middel van besprengen van het reine bloed, van verootmoediging op en voor het verzoendeksel, van de wet, Vervolgens van het altaar weggenomen, en eindelijk op den weggaanden bok gelegd, en door dezen ten teeken van volkomen vergeving weggedragen in de woestijn, alsof alle zonden in de diepte der zee van eeuwige vergetelheid geworpen waren.

De te slachten bok werd niet met de zonden beladen, maar was de uitdrukking van reine en heilige verootmoediging over de zonde, waarin het volk verklaarde, dat zij den dood hadden verdiend, maar over hunne zonde en schuld ter dood toe bedroefd waren, en om vergeving smeekten; en de weggaande bok was de uitdrukking van Gods vergevende liefde en genade,

Sluiten