Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Slachtoffer en offerande, en brandoffers en offer voor de zonde hebt Gij niet gewild, noch hebben U behaagd; (dewelke naar de wet geofferd worden), toen sprak hij: Zie, ik kom om uwen wil te doen, o God! Hij neemt het eerste (de uitwendige offeranden) weg, om het tweede (het doen van Gods wil) er voor in de plaats te stellen."

Op het doen van Gods wil komt het aan. „Ik ben uit den hemel nedergedaald, niet opdat ik mijnen wil zou doen, maar den wil desgenen, die mij gezonden heeft. En dit is de wil des Vaders, die mij gezonden heeft, dat al wat Hij mij gegeven heeft, ik daaruit niet verlieze, maar hetzelve opwekke ten uitersten dage. En dit is de wil desgenen, die mij gezonden heeft, dat een iegelijk, die den Zoon aanschouwt, en in hem gelooft, het eeuwige leven hebbe; en ik zal hem opwekken ten uitersten dage." Joh. 6 : 38—40. Aan dien wil des Vaders om te verlossen en te bewaren door geloof in, en liefde tot hem, heeft de Heer zich opgeofferd, gehoorzaam geworden zijnde tot den dood, ja, den dood des kruises; en door geloof in die offerande zijn ook wij geheiligd, afgezonderd, geroepen, en hebben wij ons gegeven, om niet onzen, maar zijnen wil te doen, en onzen wil aan zijnen wil ten offer te brengen, gehoorzaam tot den dood.

1 Petr. 2 : 24. „Die zelf onze zonden in zijn lichaam gedragen heeft op het hout, opdat wij der zonden afgestorven zijnde, der gerechtigheid leven zouden."

Moeten wij dit zóó verstaan, dat het lichaam van den Heer Jezus een voorwerp was, waarin de zonden gedaan werden, om ze op die wijze aan het kruis te dragen? Of zóó, dat God hem onze straffen in zijn lichaam heeft doen dragen op het hout? Of zóó, dat de mensch zich niet ontzien heeft, om zelfs den Zoon van God te kruisigen. Het eerste is wat al te plomp;

Sluiten